
Janvier
Bonjour à tous!
Max
Février
Meer nieuws uit het Zuiden.
Ik wil het eens hebben over het verkeer hier in Toulouse. Dat is, zoals we dat van zuid-Europese steden gewend zijn, een grote puinhoop. Het is niet zo erg als in Parijs of Rome, maar toch zitten de hele dag de smalle straten van het centrum verstopt, vol auto's met bestuurders die wel graag wat sneller vooruit hadden willen komen, maar allang weten dat dat toch niet lukt en dus rustig vooruit schuiven. Ook staan auto's vaak dubbel geparkeerd; met de alarmlichten aan: dan 'mag' dat blijkbaar. In elke straat staan er voortdurend wel enkelen; daar moeten dan alle auto's moeilijk omheen manoevreren.
Max
Mars
Even plotseling als ik in andere landen heb gezien, maar wel veel eerder in het jaar, is de lente losgebarsten hier in Toulouse. De zon schijnt volop en de temperatuur is aangenaam. Ook de natuur vindt dat. De bomen en bloemen schieten uit en staan volop in bloei; sommige bomen zijn dat stadium al voorbij en staan al vol in het blad. Ook in het tuintje achter mijn huis is alles flink omhooggeschoten. Het was al een wildernis; het hoort een grasveld te zijn, maar er zit zoveel onkruid dat je geen gras meer ziet. Maar nu gaat het steeds meer op tropisch regenwoud lijken. De buren vinden dat niet zo netjes en hebben hebben mij dat al eens laten weten. Maar het is niet mijn taak daar iets aan te doen; ik huur alleen de bovenverdieping en de huisbaas heeft toch duidelijk met mij afgesproken dat hij de tuin zou bijhouden. Maar ja, wat een Fransman zegt dat hij doet en wat hij werkelijk doet; de relatie tussen die twee zaken, daar ben ik nog niet helemaal achter. Maar hij moet dat maar met de buren uitvechten; ik zit er niet mee. Ik vind een wildernis achter het huis prima, zolang ik er nog in kan zitten.
Max
N.B. Het bovenstaande is niet meer actueel. Met ingang van januari 2008 mag in Franse cafés niet meer worden gerookt.
Avril
In april is het weer hier erg wisselend, zo heb ik gemerkt. Af en toe, als het regent, is het hier even koud als in Scandinavië (met die internationale nieuwsberichten kun je dat allemaal bijhouden). Maar soms ook, en zo ook nu, schijnt de zon weer volop en is het zomers-warm. Ook vaak vertrek je 's morgens naar je werk in de kou met een jas aan, maar is het 's middags warm genoeg voor een korte broek.
Wanneer je met mooi weer door het park langs de rivier loopt, zitten er vaak op de rivierkade aan de overkant groepjes mensen samen djembé te djemmen, en dit is in dat park duidelijk te horen (terwijl die rivier behoorlijk breed is!). Om mij eens in een nieuwe culturele verrijking te storten ben ik maar eens een cursus daarin gaan volgen, en heb zelf(s) ook een djembé gekocht. Ik sla vaak mijn handen helemaal beurs, maar het blijft toch een interessante nieuwe muzikale uitdaging.
Max
Mai
Geleidelijk aan gaat hier die typisch mediterrane zomersfeer hangen, dank zij het weer dat zo warm wordt dat je weinig zin hebt om wat anders te doen dan gewoon rondhangen. Ook kwamen er deze maand af en toe flinke onweersbuien -als je binnen zit is dat een prachtig gezicht; af en toe is de hemel een paar seconden helemaal verlicht- gevolgd door tropische stortbuien. En de afgelopen week was het heet: boven de 30 graden.
Er gebeurt van alles in de stad, en ik moet misschien vermelden dat het niet altijd zo vreedzaam is als ik de vorige keer vertelde. Vorige week vrijdagavond liep ik Place du Capitole op en was verbaasd te zien dat een ME-achtige politiebrigade het plein leeghield, en ruzie had met enkele andere individuen. Het bleek dat er 's middags in heel Frankrijk een demonstratie was geweest voor het voortbestaan van 'rave'-parties. Volgens de 'ravers' worden die door nieuwe wetsvoorstellen te veel aan banden gelegd. Hier in Toulouse draaide het vreedzame demonstratiefeest uit op rellen met de politie. Iemand begon iemand anders uit te dagen, en toen liep het al snel uit de hand. De politie ontruimde het plein, en hield het de rest van de avond leeg, terwijl conflicten met enkele demonstranten zich in de zijstraten voortzetten. Jawel, ook hier gebeuren die dingen.
Max
Juin
In Zuid-Frankrijk is de zomer begonnen: de temperatuur loopt af en toe zo ver op dat het niet leuk meer is. Gelukkig wordt dat afgewisseld met onweersbuien waarbij het weer even afkoelt.
Nu weer iets leukers. In juni lopen allerlei seizoenen af en is hier op het werk iedereen druk bezig met dingen af te krijgen, en met vergaderingen en eindpresentaties. Hetzelfde geldt voor het culturele leven in de stad: allerlei verenigingen hebben einduitvoeringen, zodat er veel te zien is wat betreft amateurtheater en -muziek. Een levendig geheel.
Max
Juillet
In juli is het in Zuid-Frankrijk, zoals velen van jullie waarschijnlijk weten: warm. Doordat het ook nog nauwelijks waait hier in het binnenland, is het soms zo broeierig dat het gewoon niet leuk meer is om buiten te zijn.
Op Quatorze Juillet, de nationale feestdag, was er natuurlijk wel iets speciaals te doen. Er was een groot podium gebouwd op Place du Capitole, en op de avond tevoren was daar een concert te beluisteren. (Heb ik gemist omdat ik zelf in de Ierse pub aan het spelen was.) Op de dag zelf zat echter het weer niet mee: 's middags kwam er een stevige onweersbui, die zodoende op natuurlijke wijze in het tradionele vuurwerk voorzag. Maar de bijbehorende regenval weerhield het feestprogramma overdag ervan door te gaan. 's Avonds klaarde het wat op, en werd vanaf het park aan de rivier vuurwerk afgestoken. Dit vond ik wel erg kort duren; na een kwartiertje was het voorbij, terwijl ik het vroeger in andere steden wel de hele avond heb zien doorgaan. Vervolgens ging de muziek op Place du Capitole aan de gang. Franse chansons, maar ook popmuziek en Latijns-amerikaans: het moet gezegd dat het een behoorlijk internationaal aanbod was, en dat juist op deze nationale feestdag! Qua muziek zijn de Fransen duidelijk wat minder eenkennig dan in andere opzichten.
Even iets anders. Een ding waar ik steeds vaker tegenaan loop, is de Franse arrogantie. Niet alleen zijn veel Fransen van mening dat in hun land alles het beste is, maar ook laten zij dat graag horen aan buitenlanders, door middel van flauwe grappen waarin alles wat niet Frans is wordt afgekraakt. Ik vind het voor gek zetten van iemand anders de meest laag-bij-de-grondse vorm van humor. Goed fatsoen heeft mij er tot nu toe van weerhouden hierbij een weerwoord te bieden, maar misschien kan ik mij binnenkort niet meer inhouden; dit soort mensen verdient tenslotte niet beter. En het is helemaal niet moeilijk iets te vinden om terug te zeggen; kijk hier maar om je heen en je vindt genoeg stof. Het aannemen van een net zo lompe houding als je omgeving is waarschijnlijk de beste manier om je hier staande te houden. Wanneer ik wegens 'staatsonvriendelijkheid' het land wordt uitgezet, horen jullie het wel...
Max
Août
In augustus is het, tussen de onweersbuien door, erg heet, en ook al zijn we ver van de kust verwijderd, toch ook nogal vochtig. Zo'n broeierig weer waarin je bijna niks kunt doen. Iedereen klaagt hier ook over de hitte - het lijkt erop dat de Fransen zelf het niet zijn gewend. Maar waarschijnlijk hoort het klagen over de hitte tot het Franse standaard 'small talk' protocol. "Bonjour - bonjour - ça va? - oui très bien, très bien - il fait chaud, non? - oui terrible" enzovoort. Zo heb je weer een minuut volgebabbeld zonder iets te zeggen.
Ook in mijn appartementje maak je wat mee. Laatst klonk er een harde knal, deze keer eens niet vanaf de straatkant. Het klonk alsof er in de slaapkamer een raam was dicht- en kapotgeslagen. Maar daar bleek niets aan de hand te zijn. Later toonde zich de oorzaak: het bleek dat in de badkamer het plafond naar beneden was gekomen. De vloer was bezaaid met brokstukken kalk. Het hout dat daarboven zat, zat nog op zijn plaats, maar was helemaal verrot. Welnu, de zolder boven het appartement grenst direct aan het dak, dat op zijn beurt het hele huis tegen de regen beschermt met alleen een laagje dakpannen. Wanneer er één scheef ligt is het dak zo lek als een mandje. En met de storm die hier regelmatig aan de regen voorafgaat, kan er makkelijk wat scheef gaan liggen. De vloer van de zolder vertoonde dan ook een kletsnatte plek. Ik heb op het dak de pannen rechtgelegd, en kapotte pannen vervangen. De huisbaas kwam, zag de badkamer, vond verrot hout helemaal geen probleem, en gooide er in een half uurtje een nieuwe kalklaag tegenaan. Volgens mij is het nu gewoon wachten tot de zaak weer naar beneden komt. Maar dat zijn de Franse methoden: zolang het zit, niet zeuren; en daarna zien we wel weer verder. Joie de vivre.
Max
Septembre
In september is het, ook hier, herfst. De temperatuur zakt ineens tot rond de 20 graden en de bladeren beginnen te vallen. Maar de bekende meteorologische grens langs de 'Great Divide', de Alpen en Midden Frankrijk, is er toch nog steeds: ik zie op het nieuws dat het in noorderlijker landen al behoorlijk koud en regenachtig wordt, maar hier is het toch nog vaak zonnig, en lekker weer om op een terrasje te zitten.
Jaaa... en er is nog iets gebeurd.
Max
Octobre
Het lijkt wel of oktober in Frankrijk de protestmaand is. Er was deze maand elke zaterdag een protestdemonstratie ergens in de stad of in de buurt. Maar er valt hier dan ook heel wat te demonstreren. Om te beginnen was er, naar aanleiding van de explosie in de kunstmestfabriek vorige maand, een massale tocht door de stad om te eisen dat gevaarlijke chemische fabrieken beter moeten worden beveiligd en niet meer in de buurt van woonwijken moeten staan (er staan er nog steeds een paar hier in de stad!). Een week later was er een demonstratie in de Pyreneeën, tegen het vrachtwagenverkeer door de tunnels aldaar. Weer een week later was het weer in de stad te doen: een prostestmars tegen de Amerikaanse bombardementen in Afghanistan. En tenslotte, weer een week later: een grootse manifestatie op Place du Capitole, en een massale tocht door de stad, tegen het voortzetten van de nucleaire energie-industrie.
Na dit gefilosofeer, terug naar het daagse leven. Het weer is in oktober wat men hier 'été indien' noemt: het blijft mooi, zonnig maar niet te heet. Prachtig terrasjesweer. Maar dat het toch herfst moet zijn, is te zien aan de bomen: kleurvariaties van groen via geel tot donkerbruin, en de grond ligt ook al bezaaid met bladeren. Het valt vooral op dat de platanen ruim de tijd hebben gehad om te groeien: de bladeren die ervanaf vallen zijn groot, vaak groter dan A4-formaat. Dat het gewone leven, na de zomer, nu echt begonnen is zie ook aan het feit dat de kroegen weer vol zijn met live muziek en andere artistieke uitspattingen. Het is gezellig, en zeer vermoeiend als je enigszins wilt volgen wat er allemaal gaande is.
Max
Novembre
Begin november is plotseling het weer omgeslagen. Konden we in oktober nog op de terrasjes zitten, nu is het ineens onder de 10 graden, regenachtig en windering. Dan merk je ook goed dat de dagen veel korter worden: ik fiets nu in het donker van mijn werk naar huis. Je kunt dan wel in Zuid-Europa wonen, je ontkomt toch niet aan die typische herfst-effecten.
En nu weer iets anders. We zitten hier vlak bij de Pyreneeën; als je bij mooi weer op een heuvel staat, kun je in de verte de bergen zien liggen. Het ligt dan voor de hand dat men er vaak in het weekend op uit trekt om daar van het natuurschoon te genieten; dat heb ik zelf dan ook al verschillende keren gedaan. Deze maand hebben mijn vriendin en ik een auto gehuurd en zijn naar Gavarnie gereden. Het is grappig om te merken dat je met enkele uurtjes rijden ineens in de bergen terecht komt; een compleet andere wereld. 'Le cirque de Gavarnie' is een gebied waar een gletscher in duizenden jaren een halfcirkelvormige kloof uit de bergen heeft gesleten, een natuurlijk gigantisch amfitheater vormend. Je kunt daarin lopen tot aan de steile bergwand, waar hoge watervallen vanaf komen. Het opspattend water van de watervallen blijft door de ijzige temperaturen als sneeuw liggen. Indrukwekkend.
Max
Décembre
Toulouse is in kerststemming. Niet in de laatste plaats wordt dat bereikt door het weer, dat plotseling ongewoon koud is geworden. Ook al hebben de bomen nog niet eens al hun bladeren verloren; 's nachts vriest het, en overdag is het rond de 0 graden. Af en toe vallen er lichte sneeuwbuien. Het kanaal is bevroren, en als dit weer nog lang genoeg doorzet, zal het ijs straks dik genoeg kunnen zijn om te gaan schaatsen. Dat zou oerhollandse taferelen kunnen opleveren hier in ZuidFrankrijk!
Nu weer iets leukers. Ik speel tegenwoordig viool in een groep die met Ierse en Bretonse folk de Ierse pubs in de stad op z'n kop zet. Met deze band hadden we laatst ook een optreden in Montpellier, op een groot 'prom'-achtig studentengala. De expo-hal van Montpellier was ingedeeld in vijf zalen, waar verschillende bands speelden: salsa, rock, reggae, techno, en wij verzorgden de keltische sfeer. Het studenten-publiek was allemaal netjes in zwart pak en cocktailjurk gekleed, maar dat nam niet weg dat ze, zeker na enkele glazen, flink uit hun dak gingen op onze muziek. De bandleider speelde goed op ze in, door ze te vertellen hoe ze op te nummers zouden moeten dansen, meeklappen en meezingen, en iedereen gaf er massaal gehoor aan. Het is ook leuk dat de band veel improviseert: de nummers zijn nooit helemaal hetzelfde, en soms is het onszelf niet duidelijk welk nummer we nu nog aan het spelen zijn, maar zolang het lekker klinkt, maar dat niet veel uit.
Max
Hier zijn de nieuwsberichten uit het zuiden.
Sinds 1 oktober 2000 zit ik in Toulouse, Frankrijk. Ik zal proberen met deze nieuwsbrieven jullie regelmatig te informeren hoe het er hier aan toe gaat.
In januari is het hier geen winter zoals wij die kennen. Het is 's middags 5 tot 15 graden, afhankelijk van of de zon schijnt. Al de Noordafrikanen die hier wonen vinden het koud, maar ik heb het gevoel dat de lente al aan het beginnen is. Het vriest hier vrijwel nooit; om 's winters sneeuw te zien moet je de Pyreneeën in.
Gelijk in het begin van mijn verblijf hier heb ik al verwarring veroorzaakt. Op het werk geeft iedereen elkaar namelijk 's morgens een hand. Dus kwamen mijn baas en alle collega's mij elke dag een hand geven. Ook, als een collega die op een andere verdieping werkt en met wie ik niks te maken heb, toevallig langs mijn kamer liep, kwam hij binnen, gaf mij een hand, zei "bonjour" en was weer weg.
Blijkbaar betekent de handdruk in Frankrijk helemaal niets. Ik ben gewend dat een handdruk iets symboliseert: een kennismaking, een felicitatie, of het ontstaan van één of andere band. Maar dit plichtmatige uitgebreide beleefdheidsprotocol dat niks betekent ging mij snel irriteren, en ik heb daarom gevraagd of dat nu werkelijk nodig was. Iedereen gaf toe dat het niet nodig was, maar alleen een gewoonte, en laat het voortaan bij mij achterwege. Het is wel grappig om te zien dat ze dan niet goed weten hoe ze mij moeten groeten: meestal gaat wat onwennig de hand omhoog.
Ik mag nog blij zijn dat ik geen vrouw ben; die krijgen iedere keer die twee onzinnige zoentjes op de wang. Elke dag, van iedereen. Je moet er toch niet aan denken!
Nu weet ik niet of het onwil van mijzelf is om me aan te passen, en ook niet of men mij hier nu onbeleefd gaat vinden... Gelukkig accepteert men van buitenlanders sneller 'vreemde gewoonten'.
Maar ben ik dan echt zo vreemd? Men was verbaasd om van mij te horen dat men in Nederland elkaar niet elke dag de hand schudt, maar ik ken geen ander land dan Frankrijk waar men dat wél doet. Men was ook verbaasd over hoe goed ik Engels spreek. Zij hebben even lang Engels op school gehad als ik, maar zelfs de meeste wetenschappers komen niet verder dan enkele zeer gebroken woorden. Ook dat is, voorzover ik heb gezien, veel beter in Spanje en Italië.
Ik dacht dat het misschien wel mee zou vallen, maar het zit blijkbaar echt niet in de Franse cultuur om open te staan voor de landen om hen heen.
Tot de volgende keer,
De winter is overal in Europa losgebarsten, zo hoor ik op het nieuws: overal sneeuwoverlast. Maar niet hier. Weliswaar is het is hier ook wat kouder geworden, nadat we enkele weken geleden nog op de terrasjes in de zon konden zitten. Maar er ligt geen sneeuw, en de boom in de binnenplaats naast mijn werkplek bloeit gewoon door.
Aan Carnaval wordt hier niet veel gedaan. Het schijnt dat er de afgelopen jaren zelfs helemaal niets was; dit jaar wel, maar het is meer een straatkunstfestival. Het lijkt niet op het Carnaval van Maastricht, Venetië of Rio. Er was een vrolijke optocht, vol muziek, acrobatiek en schilderkunst, en enkele toespelingen op maatschappelijke onderwerpen (de gekke koeien natuurlijk!). En op Place Arnaud Bernard lieten vele straatartiesten -jongleurs, muzikanten- hun kunnen aan het publiek zien. Een vrolijke boel, maar niet veel mensen waren verkleed, en in de rest van de stad was niets te merken.
Het is dan ook geen wonder dat ik met mijn fietsje meestal veel sneller het centrum doorkom. Ik zoef langs de rijen wachtende auto's, en fiets om de dubbelgeparkeerden heen terwijl de auto's moeten wachten tot de andere weghelft eens vrijkomt. En ik ben niet de enige: er zijn redelijk veel anderen, vooral jongeren en 'alternatievelingen', die het voordeel van de fiets inzien. Toch blijven we ver in de minderheid. Zelfs al ervaart iedereen de overlast van de auto's, en is de luchtvervuiling duidelijk te ruiken, de grote massa blijft toch stug auto rijden. Dit heeft misschien te maken met een typische franse houding om niet te veel te willen veranderen. Autorijden hoort bij de zichzelf respecterende burger, of zoiets...
Maar het kan er ook mee te maken hebben dat fietsen hier weliswaar wel snel, maar bepaald niet comfortabel is. Op de straten van het centrum zijn geen fietspaden, en op de grotere invalswegen hooguit geschilderde fietsstroken. De fietsers moeten zich steeds tussen het autoverkeer mengen, en voordurend naar alle kanten uitkijken en de handen aan de rem houden. Wanneer je langs rijen wachtende auto's fietst, is er vaak zo weinig ruimte dat je moet slalommen tussen de spiegeltjes van de wachtende auto's links en van de geparkeerde auto's rechts. Soms is het ook beter om de auto's links te passeren, over de middenstreep, het tegemoetkomende verkeer in het gezicht. Ook bestaat er vaak geen legale redelijke manier om daar te komen waar je heen wilt, en moet je een drukke doorgaansweg dwars overfietsen om in een bepaalde straat te komen.
Maar het moet gezegd dat de automobilisten tolerant zijn. Wanneer ik weer eens vlak voor hun neus opduik, stoppen ze en laten mij vriendelijk voorgaan, in plaats van (zoals ik in Nederland gewend ben) met getoeter en geronk hun ongenoegen te uiten. Ook het gedrag wanneer het verkeerslicht op groen springt getuigt van relaxedheid: niet zo snel mogelijk wegscheuren, en toeteren als de voorganger een honderdste seconde te lang wacht, nee: men wacht enige tellen, denkt dan "kom, laat ik maar eens gaan", en rijdt rustig weg.
Verder is er nog één ding dat het fietsersbestaan hier zeer veraangenaamt. Er loopt een kanaal van de Atlantische Oceaan naar de Middellandse Zee, hier door de stad. Dit kanaal is enkele eeuwen geleden gegraven en werd lang gebruikt als transportroute, maar nu alleen nog voor de pleziervaart. (Er liggen ook veel woonboten in; het lijkt soms net Nederland. Sommige boten hebben zelfs een Nederlandse naam!?) Langs dit kanaal is een mooi breed voet/fietspad aangelegd, voornamelijk voor recreatiedoeleinden. Met mooi weer is het er dan ook vol met wandelaars, fietsers, hardlopers en rolschaatsers. Maar omdat het door de stad loopt, is dit pad ook een goede fietsverbinding tussen enkele buitenwijken en het centrum. Ik maak hier veelvuldig gebruik van, en het is een verademing, die rust, na door het verkeer op de overige straten geploegd te hebben. Maar toch is dit maar één route, en hij loopt niet helemààl naar het centrum, dus vroeg of laat moet je je toch altijd weer in die heksenketel van door elkaar krioelende auto's en fietsers begeven.
Le Canal du Midi
Om eens wat verbetering in de fietssituatie en het welzijn van de stad te proberen te brengen, en met het oog op komende gemeenteraadsverkiezingen, werd deze maand een demonstratie georganiseerd. Ik zorgde dat ik hierbij van de partij was. Op zaterdagmiddag verzamelden zich ongeveer duizend fietsers, rolschaatsers en voetgangers op Place du Capitole, die zich vervolgens in een grote stoet over de rijbaan van de drukke centrumstraten ging begeven, met spandoeken, en zingend en roepend dat er meer ruimte voor fietsers en voetgangers moet komen. Bij het monument voor de gevallenen werd halt gehouden om een eerbetoon te brengen aan 'het onbekende verkeersslachtoffer'. De politie werkte ook mee (op de fiets!), om alles zoveel mogelijk in goede banen te leiden. De voorbijgangers op het voetpad reageerden geamuseerd op dit gebeuren, maar ik weet niet of ze het alleen als amusement zagen, of ook over de kwestie nadachten. De automobilisten wachtten rustig af tot ze er weer door mochten; zij zijn de opstoppingen gewend. Ook van hen weet ik niet wat/of ze over deze kwestie dachten.
Wel, we zien wel hoe, en of, het zich ontwikkelt...
Niet alleen aan de planten, ook aan de mensen merk je dat het mooi weer is: men komt massaal naar buiten, het pad langs het kanaal is vol met wandelaars, fietsers, joggers, rolschaatsers, en hoe dan ook nog meer je je recreatief kunt verplaatsen. Het centrum is op zaterdagmiddag vol winkelpubliek; ze lopen overal kris kras over de straten tussen de auto's door. De terrassen zitten vol.
Winkelstraat Rue des Changes
Er zit nog wel een positieve kant aan dit mooie weer: de deuren van de kroegen blijven vaker open staan, ook 's avonds. Dit is wel zo prettig voor de kwaliteit van de lucht daarbinnen, in verband met het volgende, wat mij even van het hart moet:
De Fransen zijn verschrikkelijke rokers, met name in het nachtleven. Wanneer je een willekeurige kroeg binnenkomt, weet je niet wat je overkomt: de lucht is grijs, en begint onmiddelijk je neus te irriteren, daarna je ogen, en daarna je keel. Als je om je heen kijkt - voorzover dat nog lukt - merk je dat werkelijk iédereen aan het roken is. Als je het daar dan een uur of langer volhoudt, heb je de volgende dag nog steeds last van je keel, en stinken al je kleren naar rook. Het is hier dan ook voor het eerst in mijn leven dat ik, wanneer ik 's avonds overweeg om wel of niet uit te gaan, soms besluit om dat maar niet te doen om de reden dat ik geen zin heb in al die rook.
Maar misschien is er hier wel al iets verbeterd ten opzichte van het verleden. Ik moet er namelijk wel bij vermelden dat op veel openbare plaatsen niet mag worden gerookt; wellicht is dat kort geleden nog anders geweest. Ook bij ons op het werk gaat men naar de hal (bij de buitendeur) om te roken.
En zoals ik al zei: nu in de lente staan de deuren van de kroegen vaker open, en dat maakt de lucht een stuk draaglijker. Gelukkig maar, want de kroegen zijn in het algemeen wel erg gezellig. In de stad vind je niet veel grote discotheek-achtige danstenten, maar ontzettend veel kleine cafeetjes. Dààr vindt voornamelijk het nachtleven plaats. Er wordt ook heel veel live muziek gemaakt. Elke dag, maar vooral in het weekend, treden in veel cafees live bands op. De muziek is van alles. Jazz en vooral zigeunerjazz ('manouche') zijn populair. Er zijn ook veel creatieve vertolkers van Franse chansons van de beroemde chansonniers (Aznavour, Piaf, Brassens, Brel (ook al was hij niet Frans)). De aanzienlijke Algerijnse bevolking in de stad zorgt ervoor dat er ook veel arabische muziek is te horen, en die is opmerkelijk populair bij de Fransen. Er leeft hier ook een nieuwe Franse variant van de ska-muziek. Verder is er ook 'gewoon' rock en blues te horen, en in de Ierse pub natuurlijk Ierse muziek. Al met al een bonte verzameling. En er zijn ook veel open podia en jam sessions, waarbij één stijl dan meestal wel de hoofdrichting is, maar ook vaak muzikanten uit andere richtingen van de partij zijn. Dat geeft interessante combinaties.
Die rook moeten we dan maar even verdragen...
Ierse sessie in de Ierse pub 'Dubliners'
Ook mijn hooikoorts is begonnen, en het medicijn dat ik daartegen heb lijkt niet te helpen. Ze hebben hier dus andere pollen.
Terras op Place St. Georges
Onnodig te vermelden hoe vol de terrasjes zitten. Maar wat mij wel enigszins verbaast is dat de fietsenstallingen ook voller zijn. Blijkbaar zijn er toch wel enkele Fransen die het niet prettig vinden om met warm weer in een auto (zonder airconditioning) in de binnenstad met ronkende motor stil te staan. Er zijn niet merkbaar minder auto's, maar wel meer fietsen. Maar in de stad zijn nauwelijks fietsenstallingen; er zijn bijna alleen maar de hekjes aan de rand van de trottoirs (waarschijnlijk bedoeld om die vrij te houden van auto's). Deze hekjes zijn prima fietsenrekken, maar het zijn er veel te weinig; ze zitten nu al allemaal voortdurend vol.
Djembé spelen in Prairie des Filtres
Ik schreef de vorige keer dat er veel live muziek is, maar het is ook aardig te vermelden dat er veel spontaan wordt gemusiceerd. Bij bandoptredens wordt het vaak gewaardeerd als een muzikant in het publiek die (al of niet toevallig) zijn instrument bij zich heeft, mee komt doen. En er worden veel open podia en jam sessions georganiseerd in verschillende cafés. En bv. gisteravond heb ik zelf, tijdens de pauze van een band die in een café speelde, samen met een gitarist (ik op viool) enkele nummers ten gehore gebracht. Dit soort dingen wordt veel gewaardeerd. (Ik had ook wel met de band mee willen spelen, maar ze speelden balkan-folk en dat kan ik nou nog net niet.) Die gitarist en ik hadden weinig gemeenschappelijk repertoire, dus wat we deden was niet veel bijzonders, maar het was wel gezellig.
Ook zitten er vaak groepjes mensen op straat samen muziek te maken, of ze zijn gewoon aan het 'hangen'. Vooral 's nachts, als er minder auto's zijn, manoevreer ik met mijn fiets tussen allerlei bivakkerend volk door. Deze mensen zijn heel vriendelijk, er is geen agressiviteit, men geeft relaxed de rookwaar door. Het lijkt af en toe wel Woodstock.
Even iets anders: wat hier lastig is, is vegetarisch eten. Ik eet bij voorkeur vegetarisch als ik die keus heb, maar die keus krijg je hier in de restaurants meestal niet. Het is altijd vlees of vis, met relatief weinig groenten erbij. Een regionale specialiteit is 'cassoulet', een stoofschotel van eendevlees, doordenkt met een enorme hoeveelheid vet. Ik heb het wel eens geprobeerd, maar het ligt bijzonder zwaar op de maag. Geen aanrader, vind ik.
Maar, zoals bij veel zaken, zijn er in deze diverse stad toch ook tegenbewegingen merkbaar. Er zijn dan ook restaurants waar vegetarische schotels te krijgen zijn, en zelfs enkele geheel vegetarische restaurants. Er zijn ook restaurants en supermarkten met biologisch voedsel. Na lang en goed zoeken kun je alles toch wel vinden. Ook al valt dat zoeken niet mee, omdat alles op de bekende Franse manier wordt aangegeven...
Ontbijt in onze achtertuin
Alweer een aspect waarin de Fransen mij waarschijnlijk zeer onfatsoenlijk vinden is het volgende: iedereen sluit hier elke avond de luiken voor de ramen, maar die moeite nemen wij in ons huisje meestal niet. De buurvrouw heeft ons al laten weten dat dat eigenlijk wel hoort. Maar nu, met die hitte, hebben we de luiken zelfs overdag gesloten; dat werkt prima om het broeiende effect van de zon enigszins tegen te houden. Het is de buurvrouw al opgevallen. Ze denkt waarschijnlijk: zouden ze het dan toch langzaam leren? Nee hoor; daar is weinig hoop op.
De Fransen verbazen mij op hun beurt ook. Ze nemen weinig gewoonten over van andere landen, maar nu blijken ze toch zeer selectief wel eens iets toe te laten, te weten de allerslechtste Nederlandse uitvinding van de laatste jaren. Big Brother! Onder de naam 'Loft Story' zitten een stelletje goed uitziende pipo's een paar maanden op een zolder opgesloten. Hun lotgevallen en interessante conversaties zijn 24 u/dag te volgen op een TV kanaal waar je je heel duur op kunt abonneren. Schijnt ook hier razend populair te zijn. Ongelooflijk waar je mensen kunt laten intrappen met een vette marketingcampagne.
Voetbal is hier in Toulouse overigens minder populair dan in Nederland (komt waarschijnlijk doordat het plaatselijke elftal niet zo hoog scoort) maar rugby wel. Ook al interesseert die sport mij net zo weinig, het is weer eens wat anders. Een paar weken geleden was er hier in de stad een rugbyveteranen-festival. Op zaterdagmiddag waren rugbyteams uit allerlei delen van de wereld (vooral Engeland, Ierland, Canada en Australie), met leden van middelbare leeftijd, verzameld op Place du Capitole, en daarna gingen ze in een vrolijke parade door de stad. Allerlei kleurrijke uitdossingen: Spanjaarden als stierenvechters verkleed, Canadezen als elanden, en Ieren met de pint in de hand en al half bezopen. Het leek meer op carnaval dan op rugby.
Maar de volgende dag was er alweer niets meer van te merken en scheen de zon fel over de terrassen, die intussen vol lopen met toeristen (zij het lang niet zoveel als in de échte toeristenplaatsen). Het is lekker om op die terrasjes rond te hangen of in de parken langs de rivier. Het blijkt ook dat als je ergens gaat zitten er continu bekenden voorbij komen. Daar hoef je dus zelf niet veel voor te doen.
Even iets over de perikelen bij ons thuis. Ons huis heeft twee appartementen: wij bewonen de bovenverdieping, en beneden aan de achterkant woont een 20-jarige Ghanese studente. Aan de voorkant is een kapperszaak. Nu heeft ons benedenbuurmeisje soms flinke ruzie met haar vriend, wat vaak op de gang wordt uitgevochten, zodat wij flink kunnen meegenieten. Laatst was het eens midden in de nacht zo'n herrie dat slapen onmogelijk werd, en ik ging eens beneden kijken wat er aan de hand was, en of dat op kon houden. Zij bleek bezig haar vriend te vertellen dat hij op moest hoepelen, en hij maakte wel langzaam aanstalten hiertoe, maar er moest blijkbaar nog veel luidruchtig worden gediscussieerd (lees: geschreeuwd). Ik weet niet of mijn pogingen tot kalmering veel invloed hadden.
Op een zeker moment pakte zij een mes uit de keuken en begon hem daarmee te dreigen. Nu vertrok hij wel iets sneller, maar hij bleef roepen dat zij gek was en dat hij nooit meer terug kwam, enzovoort. Daarna was de show voorbij voor deze keer.
Natuurlijk kwam hij later toch wel weer terug, zodat deze kluchten vaak vervolgd worden. Wij overwegen wel eens om stoelen op de gang neer te zetten en deze live soap-opera te volgen. Het is realistischer dan de tv, en je moet toch wat, als je toch niet kunt slapen...
Later was het weer een keer raak, dit keer op een zaterdagmiddag, terwijl wij in de tuin zaten. Er klonk geschreeuw, en geluid van kapotvallende dingen. Toen ik ging kijken was zij in een gevecht gewikkeld met een vriendin, in de keuken, midden tussen de glasscherven en vlak naast een pan die op het vuur stond.
Ik probeerde ze weer te kalmeren. Even later verscheen haar vriend ook weer - dit keer was hij er niet bij betrokken - en samen met hem haalden we de twee uit elkaar. Het viel niet mee; de dames graaiden alweer verschillende messen uit de keukenla, waarmee wat verwonding werden aangericht voordat we die uit hun handen konden peuteren. Uiteindelijk verscheen de politie, die door de kapster was gebeld, en de zaak onder controle kreeg. Eind van alweer een episode.
Maar ook al verliest het meisje te snel haar zelfbeheersing, ik persoonlijk heb geen problemen met haar. Dit in tegenstelling tot de kapster en de buren naast ons. De kapster, bezorgd om haar klandizie, vertelde ons eens dat zij en de buren van plan waren een verklaring op te stellen, dat het meisje te veel herrie maakt, teneinde de huisbaas over te halen haar te dwingen te vertrekken. Of wij dit ook zouden willen ondertekenen. Ik vind dit geen nette manier van doen, en ik zei dat ik het niet zou ondertekenen.
Maar bovendien leek het erop dat nog niemand deze actie aan de betrokkene zelf had verteld. Dat vind ik helemààl geen goede manier van doen. Zodoende heb ik ons benedenbuurmeisje zelf verteld welk complot tegen haar werd beraamd. Zij bedankte mij hiervoor vriendelijk, en stoof meteen naar de kapperszaak en het huis van de buren, alwaar zij schreeuwend, tierend en tegen deuren trappend haar ongenoegen kenbaar maakte. Dat was nu ook weer niet mijn bedoeling.
De kapster was erg geschrokken, en gaf mij hiervan de schuld. Zij vond het niet netjes dat ik iets wat mij in vertrouwen was verteld gelijk verder vertelde. Ze zei: "In Frankrijk doet men zoiets niet!" Nu was ik ineens de boosdoener; ik had hun plannetje ondermijnd.
Wil zij zeggen dat in Frankrijk hypocrisie en achterbaksheid grotere deugden zijn dan eerlijkheid?
Een hoogtepunt hiervan is het "Fête de la Musique" op 21 juni, waarbij in heel Frankrijk op alle straathoeken en in alle cafés muziek wordt gemaakt. Nou kun je uit mijn eerdere berichten opmaken dat dat in Toulouse toch altijd al gebeurt, maar op deze avond was het nog veel meer dan anders. Ik overwoog ook om zelf mee te gaan doen, maar achteraf is het goed dat ik dat niet heb gedaan, want er was echt al genoeg te doen, en het is dan leuker om rond te lopen en van alles te bekijken en -luisteren.
We hebben met z'n tweeën dan ook zo'n beetje het hele centrum afgelopen, en heel wat variatie gezien: Op Rue du Taur een gitaarduo en een gospelkoor, op Rue Pargaminières een scratchende DJ, op Place St. Pierre een 'carnavals'-dweilorkest en een popband, op Port de la Daurade een amusementsorkest met polka's en mazurka's, op Place Esquirol een gitaar-zang-duo, op Rue Peyrolières enkele houseparties en een rapper, op het grote podium op Place du Capitole een cabarateske groep en daarna een salsaband met dansers, op Place Wilson een Turkse groep met dansers en een Braziliaanse gitaargroep, op Rue Victor Hugo enkele popbandjes, op Place St. Sernin een zigeunerjazztrio, op Rue des Trois Piliers een franse ska/reggae-band, op Place Arnaud Bernard een jazztrio dat helaas niet over de herrie van de technoparties ernaast heen kwam, en op Boulevard de Strasbourg een experimentele jazzgroep.
Gospelkoor op Fête de la Musique
Ook de hoeveelheid mensen die op deze avond in de stad rondliepen grensde aan het ongelooflijke en het fysisch onmogelijke. Ter illustratie: op een zeker moment wilde ik mijn fiets gaan verplaatsen die geparkeerd stond op een hoek van Place du Capitole. Maar het hele gebied daaromheen was helemaal vol met mensen. Na een tijdje was het me wel gelukt naar mijn fiets toe te 'zwemmen' en hem los te maken, maar ik kon ermee geen kant uit. Ik stond helemaal vast tussen een menigte mensen die allemaal ergens naar toe wilden maar allemaal vast zaten; er zat geen beweging in. Ik heb zeker tien minuten zo vast gezeten voor ik ergens een uitweg vond en, met mijn fiets boven mijn hoofd, de massa uit klom.
Maar het moet gezegd dat hoewel deze menigte chaotisch en onhandig was (er probeerden zelfs enkelen zich met een auto hierdoorheen te wurmen!), er weinig dronkenschap en aggressiviteit was te vinden; iets wat je in Nederland veel sneller kunt verwachten.
Je blijft je verbazen in dit land.
Jardin du Capitole, op Square Charles de Gaulle
Het is hier nu relatief rustig in de stad. De studenten zijn allemaal weg, en er zijn niet erg veel toeristen. Daardoor is het publiek dat je in het uitgaansleven tegenkomt een derde tot de helft minder dan in de lente. Men had mij wel eens gewaarschuwd dat het doodstil zou zijn in de zomer, maar dat is overdreven. Maar het vreemde is, dat het aanbod aan live muziek wel is afgenomen tot bijna nul. Al die cafés, waar in de winter en de lente bijna elke dag iets te horen was, hebben nu niets. Waarom, is mij niet duidelijk. Was de muziek alleen maar voor, of door, de studenten georganiseerd? Hoe dan ook, het blijkt dat ik hier nu in een behoefte kan voorzien: ik ben met mijn gitaar nu overal nog meer welkom dan anders. Ik heb verschillende keren op straat staan spelen, en kreeg genoeg enthousiast publiek. Ook vraagt men mij bij de cafés naar binnen om wat te spelen.
Tijdens de zomer vindt het culturele leven vooral plaats op allerlei festivals op het platteland. Omdat ik aan het werk ben heb ik daar niet al te veel tijd voor, maar in de weekeinden trek ik er toch op uit. Maar hierover vertel ik de volgende keer meer.
In veel Franse steden ondervindt men deze zomer (alweer) problemen met de smog. Zo ook hier: ook al zijn er minder mensen, de auto's rijden nog steeds in grote getale rond door de smalle straatjes van de binnenstad. Ze staan met draaiende motor in de rij te wachten tot ze ergens in het centrum een parkeerplaats vinden. Door de hitte blijft de vervuiling in de stadslucht hangen. De lucht is dan ook duidelijk smerig, en het kan niet anders of iedereen moet dat wel merken. Maar voor er werkelijk iets verbetert, moeten er waarschijnlijk nog een paar Franse revoluties plaatsvinden...
Maar de regen begon ook weer, en liet zijn effect merken: twee keer viel de stroom op het podium uit. Maar er moet dan ook weer vermeld worden dat men de stroom beide keren toch ook weer ingeschakeld kreeg, en verder ging met het concert. Een handvol mensen bleef in goede moed en steeds meer nattigheid luisteren, totdat rond middernacht, veel eerder dan gepland, de organisatie de zaak afsloot omdat het nauwelijks meer de moeite waard was. Dit was dan de nationale feestdag; veel goede wil en weinig bijzonders, behalve dan het slechtste weer van de hele zomer.
Augustus is duidelijk de vakantiemaand in Frankrijk. Zo rustig als nu heb ik het hier nog nooit gezien. Niet alleen is er nog minder live muziek in de cafés dan in juli al het geval was, nu zijn zelfs ook veel restaurants en cafés gesloten. Er zijn niet erg veel toeristen, maar zij die er zijn, verbazen zich en krijgen een onrealistische indruk van deze stad, waar buiten het vakantieseizoen juist zo veel te beleven is.
Je moet je vertier buiten de stad zoeken, en daar is het dan ook te doen. Er zijn allerlei festivals op het platteland, varierend van wijnproeverijen via theaterfestivals tot technoparties. Zo was ik laatst op een wereldmuziekfestival in St. Croix Volvestre, een onbetekenend dorpje, mooi gelegen tussen de heuvels, maar normaal zou je er doorheen rijden zonder er iets van te merken. Nu was het vol met muziek, van Frans via Afrikaans tot Latijns-Amerikaans; vol met hippy-achtig kleurrijk uitgedost volk, vol met kampeertentjes - op de omringende velden waren gelegenheidscampings, vol met eettentjes en marktstalletjes, en vol met jamsessies van percussie, gitaren en fiddles. Een ontspannen en spontane sfeer.
Jammen in St. Croix Volvestre
Een andere interessante bezigheid in de zomer is fietsen. Tijdens de weekenden, als tenminste de temperatuur even onder de dertig graden wilde zakken, heb ik mooie fietstochten in de omgeving van de stad gemaakt. Wanneer je onder de rook van de grote stad vandaan komt zit je gelijk in het sfeervolle Franse platteland. VanGogh-achtige taferelen met velden en akkers vol zonnebloemen of maïs; pittoreske kleine dorpjes verscholen tussen de heuvels, met oude gebouwen en smalle straatjes; kronkelende wegen geflankeerd door platanen. Zeer de moeite waard. De heuvels zijn af en toe wel zwaar, zeker met dit weer, maar het uitzicht is een waardige beloning. Grappig is ook dat in praktisch elk dorp waar je doorheen komt, een dorpsfeest aan de gang is. Het is de tijd van het jaar.
Op een fietstocht: een sandwich in een dorpje
De bovengenoemde platanen langs de wegen geven aanleiding tot een nationale discussie. Men overweegt ze om te kappen, omdat ze gevaarlijk zijn: er rijden nogal eens dronken automobilisten tegenaan. De Franse probleem-oplos-technieken zijn ongeëvenaard.
Dat rijgedrag kom je inderdaad af en toe tegen, ook in de stad. Zoals ik al eens heb geschreven rijden de meeste automobilisten rustig, maar er zitten van die herrieschoppers tussen die zich met hun vier wielen moeten 'bewijzen'. Alcohol speelt hierbij zeer waarschijnlijk een rol. Vooral 's nachts, als de wegen relatief leeg zijn, komt er af en toe zoëen met 3x de maximum snelheid voorbij gescheurd. Daar moet ik, kwetsbaar op mijn fietsje, goed voor uitkijken. Laatst kwam ik 's nachts thuis, en midden op de weg vlak voor mijn huis was een grote samenscholing van mensen, politie en ambulance. In het midden lag een auto op zijn kant, helemaal uitgebrand, de motor ervan lag iets verderop, en de levenloze bestuurder nog iets verder. Ruiten van de omringende gebouwen waren gesprongen. Ik kreeg te horen dat deze auto, die zeker veel te hard moet hebben gereden, ergens een obstakel naast de weg had geraakt, zichzelf omhoog gelanceerd, via de kruin van een boom weer naar beneden op de weg terecht was gekomen, en ontploft. Leuke avonturen zijn dat.
De studenten en het andere grote publiek zijn weer terug in de stad. De rust van de zomer is verdwenen. In het centrum staan de auto's weer bumper aan bumper, geparkeerd langs de straten, en in file zich door de smalle straatjes wurmend. Op de fiets is het een heel gedoe om al die verkeerschaos goed te overzien en me erdoorheen te manoevreren. Het verschil tussen geparkeerde en gefileerde auto's is soms moeilijk te zien. Allebei staan ze in principe overal op de weg: links, rechts, in het midden, op het fietspad. Het enige verschil is dat een auto waar iemand in zit, een grotere kans heeft plotseling te gaan rijden. Of plotseling zijn deur open te doen.
Ook al is de drukte terug, het muzikale programma van de cafés is nog niet begonnen. In de meeste cafés begint dat pas in oktober. Waarom, is mij niet duidelijk, maar dat zal wel weer een frans 'zo-hoort-het' zijn. Hoe dan ook, de muziekfestivals van de zomer gaan nog steeds door, maar ze begeven zich langzaam dichter bij de stad. Zo was er op 14-15 september een 'Straatfestival' in Ramonville, een voorstadje ten zuiden van Toulouse. Heel prettig dat ik daar via het kanaalfietspad heen kon fietsen, zonder autoverkeer tegen te komen; dat geeft gelijk al een relaxed gevoel. Het festival zelf was behoorlijk groot, met allerlei toneel, dans, muziek, en acrobatiek. Veel bezoekers hadden ook zelf hun muziekinstrumenten of jongleerspullen meegenomen en gaven hun persoonlijke shows weg. Het festival lijkt populair te zijn: ik trof daar zo'n beetje iedereen die ik ken uit Toulouse.
Een theatergroep op het straatfestival in Ramonville
's Nachts werd men daar, met alle alcohol die geserveerd werd (en waarschijnlijk ook zelf meegenomen) steeds gekker. Als je om je heen keek zag je allerlei figuren de meest vreemdsoortige indianendansen uitvoeren, of proberen een menselijke piramide te bouwen, die natuurlijk snel omviel. Ook lagen er verschillenden uitgeteld op de grond, midden tussen de drukte. Op het moment dat ik van plan was naar huis te gaan, kwam ik een groepje muzikanten tegen die, zittend op de vangrail van een viaduct, wat ongeorganiseerd zaten te spelen. Vooral de drummer en de violist leken niet zo goed met hun instrument overweg te kunnen. Het bleek al snel dat zij op elkaars intrument aan het spelen waren; blijkbaar hadden ze voor die dag genoeg van hun eigen instrument. Ik vroeg of ik de viool mocht lenen, en iemand anders deed hetzelfde met de drums. Wij begonnen mee te spelen, en blijkbaar gaf dit een nieuwe impuls, want er kwamen meer muzikanten bij, met gitaren en doedelzakken, en er schaarde zich meer publiek om ons heen. Zo ging het feest door; we hebben zo nog uren zitten jammen, midden in de nacht, op een viaduct boven de N113.
Vrijdag, 21 september, 10:20. Ik ben op mijn werk, als er ineens een belachelijk harde dreun klinkt, de grond en het hele gebouw trilt, en buiten stof opwaait. Enkele ruiten in de vleugel hiernaast sneuvelen. Iedereen vraagt zich af wat dit nu weer is: een explosie in een chemisch lab ergens op het terrein? We gaan naar buiten, en zien dat overal men zich dat afvraagt; het lijkt van verder weg te komen. Even later zien we in de lucht enkele knalrode, gele en oranje wolken verschijnen.
10:20. Thuis in ons appartement zit mijn vriendin op de bank, als ineens het huis begint te schudden, van buitenaf een oorverdovende knal klinkt, alle ruiten barsten, en vele grote stukken glas door de hele kamer heen vliegen. Ze is net op tijd om haar gezicht te beschermen, en heeft geluk dat ze alleen licht in haar been wordt geraakt. Tegelijkertijd stort een deel van het plafond naar beneden. Oplettend of er niet nog meer op instorten staat (het is immers geen erg stevig huis) gaat ze rondkijken. Ook in de slaapkamer zijn ruiten gesneuveld. Alles ligt onder het glas. Ze denkt aan een ontploffing op straat vlak voor de deur. Buiten gekomen is er van een ontploffing niets te zien, maar overal in de straat zijn de ruiten gesprongen. Alle mensen komen naar buiten; niemand weet wat er is gebeurd. Hoog in de lucht ziet ze vage rode wolken. Er hangt een ammoniaklucht.
De associatie met de aanslagen in Amerika, vorige week, dringt zich op. Sommige mensen roepen: "c'est un avion!"
Op mijn werk komen de eerste internetberichten, onder andere van de krant 'le Monde', dat in Toulouse een ontploffing plaatsvond in de kunstmestfabriek AZF. Deze bevindt zich aan de oever van de Garonne, ten zuiden van het centrum (en dichter bij ons appartementje dan bij mijn werkplek). Er komen verwarrende berichten over mogelijk giftige gassen die ontsnapt zijn. De een interpreteert het als 'dodelijke' gassen, de ander als 'schadelijke'. En wat te doen: de een heeft gehoord dat we naar het noorden moeten vluchten, de andere zegt juist naar het zuiden, en weer anderen zeggen juist binnen te blijven. Bovendien, zo wordt gezegd, zijn alle wegen verstopt; je komt er toch niet door. Verwarring alom. Het lukt me maar heel moeilijk naar huis op te bellen: alle telefoonlijnen zijn overbelast.
Uiteindelijk wordt door autoriteiten geadviseerd binnenshuis te blijven. Mijn vriendin heeft daar niet veel aan, met alle ramen eruit geblazen. Ik besluit naar huis te gaan om te zien wat daar is gebeurd, en haar te helpen. Thuis zie ik de enorme puinhoop.


Onze huiskamer na de explosie
Er wordt gemeld dat de giftige dampen naar noordwest drijven, van ons af. Ik ga de stad in, om te proberen ergens gereedschap te zoeken om op te ruimen. Maar alle winkels zijn gesloten. Een apocalyptisch beeld: overal in de stad zijn ruiten gesprongen, alle straten liggen bezaaid met glas, er rijden nauwelijks auto's, en al die mensen die normaal zo vrolijk buiten rondhangen rennen nu nerveus van de een naar de andere plek, sommigen proberen zich te beschermen met zakdoek voor het gezicht.
Het opruimen van de ergste rommel thuis duurt de hele dag. Ik zal jullie verder de perikelen met de huisbaas, de verzekering en de glaszetter besparen - in ieder geval is het voorlopig nog niet afgerond. Maar we kwamen er nog relatief goed vanaf: dichter bij de fabriek zijn hele huizen weggeblazen, er zijn 30 doden en honderden gewonden gevallen.
De kranten staan dagenlang vol van dit incident, maar pas na een paar dagen wordt enigszins duidelijk wat er is gebeurd. Op het terrein van de kunstmestfabriek AZF werd ammoniumnitraat dat afgekeurd was voor verdere verwerking, opgeslagen in een grote container. Die container stond open en bloot, en slecht geventileerd, in een hangar waar allerlei andere activiteiten plaatsvonden. Ammoniumnitraat is van zichzelf niet gevaarlijk, maar kan heel explosief worden in combinatie met brandstof wanneer het een bepaalde temperatuur bereikt. De meeste verklaringen zeggen nu dat de brandstof afkomstig kan zijn van vervuiling, vooral door de dieselgassen van de vrachtwagens die daar af en aan reden. Een hoge temperatuur kan zijn veroorzaakt door gisting, of door een kleine brand.
Hoe dan ook, vergelijkend met hoe andere zaken hier gaan, kan ik me niet aan de indruk onttrekken dat dit een typisch geval is van franse 'laisser faire', lees: nalatigheid. Er zal waarschijnlijk zijn gedacht: moeten we niet iets met die tank met afval doen? - ach dat regelt zichzelf wel. En inderdaad.
Er staan nog meer chemische fabrieken daar in de buurt, onder andere één die raketbrandstof produceert. Sommigen schatten, dat als die fabriek 'mee' was ontploft, Toulouse hier nu niet meer had gestaan. Er gaan nu dan ook vele stemmen op dat dit soort gevaarlijke fabrieken niet bij stadscentra moeten liggen, en beter beveiligd moeten worden. Afgelopen zaterdag was er hiervoor een grote demonstratie in de stad. De burgemeester heeft ook al gezegd dat hij wil dat gevaarlijke fabrieken uit de stad verdwijnen. Maar hoeveel aandacht er nu ook voor is, ik denk te kunnen voorspellen dat er hierover een heleboel wordt gezegd en geschreven, en dat er met al dat papier vervolgens niet veel meer wordt gedaan dan 'in het archief stoppen'. Ik ben bang dat er nog heel wat fabrieken moeten exploderen voor er daadwerkelijk wat verandert.
Mijn badkamerverhaal van vorige maand stelt hierbij vergeleken helemaal niets voor. Ik weet niet wat er in de komende maanden te gebeuren staat; en of deze ontwikkeling doorzet. Saai is het hier in ieder geval niet...
The fabriek AZF enkele weken na de explosie
Frankrijk is op dit moment een van de weinige landen van de wereld waar kernenergie het grootste deel van de energieproduktie uitmaakt, en bovendien een van de weinige landen waar de regering van plan is nog lang op die voet door te gaan. Maar een groeiend deel van de bevolking is daar niet blij mee. Om te beginnen al vanwege het kernafval dat zich ophoopt. Maar zeker nu, na de gebeurtenissen van vorige maand - terroristische aanslagen in Amerika; een exploderende fabriek hier in Toulouse - voelen steeds meer mensen zich niet op hun gemak met kerncentrales in hun land. Wanneer één van deze ontploft, als gevolg van een kleine fout of nalatigheid, of doordat iemand er een vliegtuig op af stuurt (beiden zijn nu gebleken niet ondenkbaar te zijn), zijn de gevolgen niet te overzien.
En het moet gezegd: ook al zijn de Fransen in het algemeen geneigd om, zonder al te veel nadenken, hun zaken op hun standaardmanier voort te zetten, ze zijn echter wel bereid om in demonstraties en stakingen hun mening kenbaar te maken over wat er volgens hen moet veranderen. De opkomst bij de demonstraties was behoorlijk groot. Ik was bij de meeste demonstraties ook van de partij.
Bij de demonstratie tegen de kernenergie waren allerlei informatiestands van organisaties, en er was live muziek. Ook was het publiek van te voren opgeroepen om conservenblikken te beplakken als 'vat kernafval' m.b.v. een folder die was verspreid, en deze mee te nemen naar Place du Capitole. Halverwege de middag lag het midden van het plein daardoor vol met een chaotische berg blikken. Ik besloot daar eens iets constructiefs mee te doen, en begon ze op elkaar te stapelen. Enkele kinderen vonden dit een goed idee, en begonnen mee te doen. Steeds meer mensen kwamen erbij, vooral kinderen, maar ook enkele ouderen. Het was prachtig om te zien hoe, terwijl ik zelf in het midden bezig was, om mij heen een heel bouwwerk verrees. Een prachtig kasteel, met torens tot 2 meter hoog. Juist toen de blikken op waren, en het bouwwerk op zijn hoogst en mooist, bleek ook de zwakte ervan. Het weer was enigszins winderig, en daar waren de 'enkelsteens' (enkelbliks) muren niet tegen bestand. Sommige muren begonnen om te vallen. Men bouwde ze weer op, maar er bleven muren omvallen, en toen uiteindelijk alles omviel, kwamen de kinderen op het idee dat het ook heel leuk is om de blikken naar elkaar te gooien en te trappen. Het werd een grote puinhoop, en ik liet ze hierbij maar alleen. Later op de middag, toen de kinderen vertrokken waren, begon ik nog een keer opnieuw, en bouwde deze keer een piramide; deze was beter bestand tegen de wind. Enkele mensen kwamen weer meedoen, en aan het eind van de manifestatie stond midden op Place du Capitole een 2 meter hoge piramide van miniatuurkernafval, die de hele avond is blijven staan.
Niet alleen waren deze knutselactiviteiten leuk en gezellig, je kunt het ook nog zien als een mooi symbool voor de opkomst, hoogtepunt, ondergang en erfenis van een beschaving.
Eind oktober zie je overal om je heen dat een Iers/Amerikaanse traditie ook hier populair wordt: Halloween. Alles is 'versierd' met spinnen, spinnewebben, pompoenen met gezichten, en heksenspullen. Op 31 oktober zie je kinderen rondlopen verkleed als vogelverschrikker of heks, op weg naar een Halloween-viering. Ik weet niet of het 'trick or treat' ook hier in gebruik is. Ik vraag me ook af of deze nieuwe traditie niet hier misschien alleen maar door de commercie wordt gedreven. Maar ach, het is leuk.
Tot de volgende,
Herfst in Frankrijk, dat betekent natuurlijk: de nieuwe wijnoogst. En die wordt symbolish elk jaar ingeluid door de presentatie van de nieuwe Beaujolais, op de derde donderdag van november. De feestelijkheden bestaan vooral hieruit dat in vele restaurants en cafés met grote letters vermeld staat "Le Beaujolais nouveau est arrivé", en het volk in grote getale erop uit gaat om die te proberen. Maar deze wijn heeft hier te kampen met concurrentie: de Gaillac, hier uit de regio, heeft op hetzelfde moment ook een primeur-wijn, en die is hier populairder. Op veel plaatsen kun je zelfs alleen de Gaillac krijgen i.p.v. de Beaujolais. Welnu, ik heb ze allebei geprobeerd, en ik vind inderdaad de Gaillac lekkerder, voller van smaak. Nu ben ik geen kenner, en over smaak valt niet te twisten (of juist wel, heel lang), maar het is een verademing dat ik het nu een keer ééns ben met de mensen hier om mij heen. De primeur-wijnen worden genuttigd samen met geroosterde kastanjes, welke combinatie goed in de sfeer past van deze donkere dagen.
Het gesprek van de dag is intussen nog steeds de explosie van twee maanden geleden. Er wordt vaak gevraagd "hebben jullie nou ook veel schade gehad", en "is het bij jullie al gerepareerd". Veel huizen zijn dat dan ook nog steeds niet. Bij ons moet nog steeds het plafond en balkondeuren worden vervangen, maar wij zijn echt geen uitzondering; in de armere wijken zie je nog steeds grote flats met vele kapotte ramen. En intussen wordt het koud buiten. Ik las in de krant een ingezonden brief, dat het toch niet zou moeten kunnen in een Westeuropees land, dat het zo lang duurt voor reparaties worden uitgevoerd, en dat mensen maandenlang in de kou moeten zitten. Inderdaad...
Maar men probeert er ook wat aan te doen. Enkele weken geleden was er op Place du Capitole een grote verkoop van wijnranken in bloempotten, die met pot en al roze waren geschilderd. (Ik neem aan dat de wijnranken dood waren, en alleen als kunstwerk waren bedoeld.) Ze kostten 200 Fr, en de opbrengst kwam ten goede aan de getroffenen ('sinistrés') van de explosie. "Vigne rose, ville rose." De verzameling roze wijnstokken was op het plein gerangschikt in de vorm van een groot hart, wat je op de luchtfoto in de krant goed kon zien. Een roze hart onder de riem voor de roze stad.
Op dit punt vormt de bergkam de grens met Spanje. De volgende dag zijn wij om de bergen en door een tunnel heen gereden, om hetzelfde punt ook aan de andere kant te bekijken. Aan de Spaanse kant zien de Pyreneeën nog wat ongerepter uit. In het gebied rond Monte Perdido, bij het stadje Bielsa, bevinden we ons tegenover Gavarnie, en is een soortgelijk gebied: een cirkelvormige vallei vol cascade-watervallen. De bergwand is hier minder steil, maar woester, en met meer variatie en meer natuurschoon. Prachtig.
Le cirque de Gavarnie
Overal in dit gebied staan in deze tijd van het jaar de bomen in de prachtigste kleuren. Terwijl wij aan het rijden waren, genoten we van dit uitzicht, en reden daarom niet al te hard - dat wil zeggen: we hielden ons aan de maximumsnelheid. Het bleek al gauw dat de gemiddelde Fransman die hier doorheen rijdt zulk gedrag niet waardeert: men kleefde voortdurend aan onze achterbumper, en wanneer de gelegenheid zich voordeed scheurde men langs, met een afkeurend gezicht naar ons toe. In het algemeen is de Zuid-Fransman een ontspannen persoon, behalve als jij niet doet wat hij vindt dat je hoort te doen. Maar goed, gestressed rijgedrag kom je in alle landen tegen, zoals iedereen weet. Ik had al lang geleerd me daar niks van aan te trekken.
En zo gaat alles verder.
Tot schrijvens
De straten hangen vol met overdadige kerstverlichtingsversieringen, weliswaar soms tegen het Amerikaans-kitscherige aan, maar ik vind dat toch leuk om de kerstsfeer compleet te maken, bij het gemis aan een behoorlijke sneeuwlaag (de sporadische sneeuw die valt blijft nauwelijks liggen). En op Place du Capitole is een kerstmarkt, waar je allerlei regionale producten uit verschillende hoeken van Frankrijk kunt krijgen, als kerstcadeaus: Pyreneese likeur, Baskische geitenkaas, Elzasser koek, Bretonse honingwijn. Zo willen de Fransen, als het zo uitkomt, toch ook wel toegeven dat hun land opgebouwd is uit verschillende culturen, die de moeite van het bewaren waard zijn.
De kou mag dan wel een echt winterse sfeer geven, het is voor mij en mijn vriendin niet echt aangenaam, omdat het onmogelijk wordt ons huisje nog goed te verwarmen. De Franse bouwkunst is hierop blijkbaar niet berekend. Aan de ene kant is ons verwarmingssysteem niet toereikend, aan de andere kant is de isolatie dat ook niet. We hebben met z'n tweeën al hele weekenden en avonden besteed aan het dichtplakken en -kitten van allerlei kieren, maar nog steeds staat de hele avond de kachel te loeien zonder dat het binnen echt behaaglijk wordt. Natuurlijk draagt eraan bij dat een deel van de schade van de explosie nog steeds niet is gerepareerd: we hebben nog steeds een groot gat in het plafond en de balkondeuren hangen er los bij. De huisbaas zegt, als wij vertellen dat we het koud hebben, gewoon "desolé", maar het lijkt er niet op dat er nu snel iets wordt gerepareerd.
Een mooi voorbeeld van hoe de Fransen omgaan met hun cliënten is ook de volgende anekdote. Afgelopen augustus heb ik de achterbuitenband van mijn fiets vervangen. Het was niet gemakkelijk een exemplaar te vinden, want mijn 27 inch is nogal een ongewone wielmaat. Toch vond ik er een, maar diezelfde band is in december al weer tot op de draad versleten. Noodgedwongen ga ik weer op jacht naar zo'n band. Bij een mega-sportartikelenzaak (ik denk: "hier hebben ze zéker alles"), vraag ik om een band van 27 inch.
De verkoper zegt: "Dat bestaat niet, meneer."
"Nee nee, behalve op mijn fiets dan."
"Werkelijk - brengt u de fiets dan even hier binnen. Misschien hebt u het verkeerd gelezen, of staat er wel '27' op maar dan slaat dat op iets anders dan de wielmaat".
Ik breng de fiets binnen, en hij moet toegeven dat het 27 inch is, en hij dat nog nooit heeft gezien. Ik vertel: "deze band heb ik vier maanden geleden hier in Toulouse gekocht," (dit om aan te geven dat het ook in Frankrijk bestaat), "en hij is nu al helemaal versleten; hij is op één plek zelfs al van de ijzerdraad los gekomen!" (dit om aan te geven dat het Franse product geen degelijke kwaliteit is).
"Hebt u hem zelf om het wiel gedaan?"
"Ja."
"Dan hebt u waarschijnlijk iets fout gedaan; als-ie van de ijzerdraad los komt..."
Dit geval staat niet op zichzelf; het is slechts één voorbeeld van een algemene houding die Franse handelaren en ambtenaren lijken te hebben: 'de klant heeft altijd ongelijk'. Ik persoonlijk vind zoiets een respectloze benadering van de ander, en het is zeker niet in overeenstemming met de krakkemikkige manier waarop zij zelf dingen regelen en in elkaar zetten. Ik kan ze zelf daarover ook gemakkelijk de grond in boren, maar daar ben ik te fatsoenlijk voor - hoewel dat al minder wordt.
Tenslotte maakt die opstelling dat de typisch Franse overdreven formele begroeting, met handje, twee zoentjes, en "bonjour - ça va - très bien", een volkomen betekenisloze façade is, waarachter geen daadwerkelijk respect voor de ander schuilgaat. Dus: is er nog iemand die wil beweren dat de Fransen beleefd zijn...?
Om het fietsenwinkel-verhaal af te maken: de handelaar stelt voor om te bekijken of andere bandmaten, die hij wél op voorraad heeft, misschien op mijn wiel passen. Ik stem toe, omdat het fijn zou zijn als dat het geval mocht blijken. Maar hij begint eerst een heleboel andere dingen te doen (lijkt ook normaal in Frankrijk: laat de klant rustig onbeperkt wachten), en na tien minuten wachten verlaat ik zonder iets te zeggen de winkel. Ik heb sowieso niet veel vertrouwen in zijn vaardigheid in het opzetten van een fietsband.
Op zeker moment kwam er iemand op mij af met een verzoeknummer, maar uit de onduidelijk uitgesproken flard tekst, begreep ik niet welk nummer hij bedoelde. De bassist van de band herkende het wél, en zong het iets duidelijker na; het bleek om 'Cotton Eyed Joe' te gaan. De bassist en de rest van de band kenden het nummer niet, maar nu had ik het herkend, en ik kende het wel. Dus ik begon gewoon te spelen, de rest van de band deed gewoon mee, en het publiek ging weer massaal aan de gang.
Later op de avond liep ik, al vioolspelend, het publiek in, en gaf een solo weg terwijl ik met een dame aan het dansen was. There's no business like showbusiness.
Het is leuk dat je de Fransen zo gemakkelijk aan het feesten krijgt met gezellige live-muziek, en dat dat nog niet eens Franse muziek hoeft te zijn. Het is ook leuk dat ik op deze manier het verhaal positief kan afsluiten.
Spelen op het gala in Montpellier
Hiermee komt een eind aan het jaar. Tevens komt hiermee een eind aan de serie maandelijkse berichten uit Toulouse, waarin ik heb geprobeerd een beeld te geven van het leven hier, de seizoensveranderingen en mijn persoonlijke lotgevallen. Ik hoop dat ik iemand enig leesplezier heb berzorgd. Ik breng nu de kerstdagen bij mijn ouders in Nederland door, en van hieruit wens ik iedereen
Bonne nouvelle année!
Hyvää uutta vuotta!
Gott nytt år!
¡Prospero año nuevo!
Gutes neues Jahr!
Happy new year!
Gelukkig nieuwjaar!