English
Dutch
Finland
Frankrijk
Engeland
Schotland
Japan
Fietsen
Instrumenten
Stockholm
Venezuala
Eurovisie
Voorpagina
Een jaar in Engeland
Maandelijkse nieuwsbrieven vanuit Bath, geschreven in 2004.

Ionawr

January

A very good morning indeed!
Voor wie het interesseert, hier is een bericht over hoe het leven vergaat in Bath, in de zuidwesthoek van het engelse minicontinent.
Ik vertel natuurlijk niemand iets nieuws als ik zeg dat een van de meest aangename aspecten van het leven hier is: de gezelligheid in de pubs. Waarschijnlijk zijn deze 'openbare huiskamers' ook vooral uit levensbehoefte ontstaan en geworden wat ze zijn. In dit deprimerende klimaat heeft een mens aan weinig méér behoefte dan aan warmte en huiselijkheid. Dat grauwe grijze weertype waarin de wind en de regen voortdurend om je oren slaan, kun je hier het hele jaar meemaken, maar vooral nu in januari krijg je niet veel anders. Je kunt je dan wel voorstellen dat, zeker na een wandeling door de -overigens mooie- omgeving (maar daarover later meer) de warmte, gezelligheid en goed eten/drinken van een pub een welkome beloning zijn. Je kunt er bijna altijd goed en goedkoop eten. En het bier is prima, en is misschien het enige wat hier goedkoper is dan in andere noordeuropese landen. Ik vraag me alleen af waarom het zo lauw is; ik vind het gekoeld lekkerder, maar misschien past dat niet in de pub-sfeer.
Natuurlijk is ook iedereen al bekend dat er één moeilijkheid is: de pubs sluiten allemaal om 23:00. Dit heeft, naar het schijnt, te maken met een nachtklok die was ingesteld in de eerste wereldoorlog. Je kunt hieruit opmaken hoe goed de engelse wetgeving met zijn tijd meegaat. Ik vond dit aspect in het begin lastig, maar het blijkt geen onoverkomelijk probleem. Er zijn namelijk twee zaken die dit oplossen.
Ten eerste vindt het hoogtepunt van de gezelligheid hier eerder op de avond plaats dan in andere landen. Vanaf een uur of 8, half 9, zitten de pubs al vol, en is er vaak live muziek, of wat er dan ook te doen is. Niet alleen dat, maar het hele dagritme van de engelsen (werken, eten enz.), vindt ongeveer een uur eerder op de dag plaats dan in veel andere landen. Nu ik me daaraan heb angepast, voelt die pub-sluitingstijd niet meer als overdreven vroeg. Je zou kunnen zeggen dat de engelsen tegelijk leven met centraal-europa, alleen hun klokken lopen een uur achter. Wie hier op vakantie komt raad ik aan, ook al stelt die jetlag van een uur niets voor, om die toch maar niet te overkomen.
Ten tweede moet gezegd dat men soepel met de sluitingstijden omgaat. In geen enkele pub gaat de bar een minuut eerder dicht dan 23:00, en je krijgt daarna altijd de tijd om rustig je glas leeg te drinken. Daarbij is men in de buitenwijken nog coulanter. Naarmate je verder van het centrum bent verwijderd, is de kans groter dat om een uur of 23:30 alleen maar de voordeur wordt dichtgedaan, en binnen de bar open blijft, en gewoon wordt doorgegaan zolang als men wil, en dat kan rustig 2:00 of 3:00 of nog later zijn. Natuurlijk ben je daarbij het meest welkom als je een stamgast bent, maar anders word je dat wel ter plekke, want de sfeer wordt nog gezelliger en intiemer bij zo'n 'lock-in'. De politie weet wel dat dit gebeurt, maar zolang er geen problemen zijn, vinden zij het dat ook niet. Dit gedoogbeleid schijnt een recente ontwikkeling te zijn (geimporteerd uit Nederland?).
Volgende keer meer,

Max

N.B. Het bovenstaande is niet meer actueel. Met ingang van januari 2006 zijn de Britse pub-sluitingstijden vrijgegeven.

Chwefror

February

De weersomstandigheden in februari in Engeland kun je gerust "avontuurlijk" noemen. De ene keer is het zo'n lekkere temperatuur dat we al op cafeterrasjes hebben kunnen zitten (jaja ook die bestaan in dit land!). Weliswaar met een jas aan, maar het gaat erom dat je dat gedaan hebt, en het idee krijgt dat de lente eraan komt.
De volgende keer is het weliswaar zo stralend zonnig zodat iedereen naar buiten komt om de wandelpaden in de omgeving te bevolken, maar kom je erachter dat er een ijskoude en harde wind waait, die er voor zorgt dat het buiten toch veel minder lente-achtig aanvoelt dan het van binnenaf uitzag.
En vervolgens komt er ineens weer, net als iedereen dacht dat het ècht lente werd, een gigantische sneeuwbui (inderdaad, tegelijk met die in Nederland). Op de universiteit waar ik werk zorgde dat ervoor dat de studentenpopulatie (en niet alleen de studenten...) massaal plotseling tot een andere leeftijdsgroep leken te behoren. Overal sneeuwballengevechten, sneeuwpoppen, en meer van dat 'geravot'. Sneeuw ziet men in dit land bijna nooit (het valt me mee dat ze weten wat je ermee kunt doen...) dus er moet van geprofiteerd worden!


Uitzicht op Bath in de sneeuw, vanaf de heuvel waar de Universiteit staat

Wat betreft reguliere evenementen in deze maand: vastenavond. Op die dag, in tegenstelling tot in landen waar men zijn gezicht beverft of waar men besneeuwde heuvels afglijdt, doet men in dit land iets minder spectaculairs, maar niet minder lekkers: pannekoeken bakken. Traditioneel worden die belegd met citroengelei, wat lekker zoet/zuur is, maar er mag van alles op worden gelegd. Op de pannekoekenavond op de universiteit werd ons uitgelegd dat de oorsprong hiervan is: het opgebruiken van alle vettige etenswaren, waar je in de vastentijd zonder moet doen. Zou dat betekenen dat men traditioneel in de vasten ook het typisch engelse ontbijt - spek, eieren, worst enz. - niet mocht eten? Dat zal voor sommigen een zware beproeving zijn geweest!
Maar diezelfde zware beproeving komt in deze moderne tijd misschien terug: deze maand stond in de krant dat de overheid overweegt het grote overgewicht-probleem in dit land aan te pakken, door een belasting op vet te heffen. Ongetwijfeld voor sommigen een gezonde ontwikkeling, maar... wil dat zeggen dat het typisch engelse ontbijt duurder wordt? Ik denk dat velen zich in hun nationale trots aangetast voelen! Ze zijn het niet-decimale geldsysteem al kwijt, de Fahrenheit-temperatuurschaal raakt in onbruik, straks verdwijnt de Pond nog, en nu zouden ze ook nog minder spek moeten gaan eten? Dit zal niet zonder slag of stoot gaan!
Ik overdrijf natuurlijk een beetje; er zijn hier heel veel mensen die graag gezond willen eten, en die openstaan voor andere leefwijzen. Maar dat valt niet altijd mee... Er stond namelijk in dezelfde krant, dat het aantal ongevallen in huis de laatste tijd dramatisch was toegenomen. De oorzaak? Houten vloeren! Traditioneel ligt overal in dit land kamerbreed tapijt - in sommige Bed&Breakfasts zie je dat zelfs in de badkamer! Maar de laatste tijd worden houten vloeren steeds populairder, en het blijkt dat de engelsen daar vaak op vallen. Of dat nu betekent dat men gewend was te lopen op tapijt, en op hout dan (op sokken of pantoffels) uitglijdt, of dat men altijd al veel 'viel' op de vloer, maar dat dat met een houten vloer vaker tot verwondingen leidt, is mij niet geheel duidelijk. Hoe dan ook, er werd verklaard dat houten vloeren "gevaarlijk" zijn, en men wel heel goed moet nadenken alvorens zoiets in zijn huis te willen hebben.
Het geeft allemaal in ieder geval een goede voedingsbodem voor de typische engelse humor!

Max

Mawrth

March

Het wordt misschien saai dat ik altijd over het weer praat, maar in dit land is dat nu eenmaal altijd een opwindend onderwerp. En de vorige keer schreef ik dat het weer "avontuurlijk" was, maar het is eigenlijk nog avontuurlijker dan ik toen beschreef.
Men heeft mij hier wel vaker verteld: "die regen, da's niet zo erg; als het regent wanneer je naar buiten wilt, wacht je gewoon tien minuten en dan is het weer droog." Inderdaad, maar dat betekent ook dat als de zon schijnt, de kans groot is dat het tien minuten later gaat regenen! En wanneer je je huis verlaat om een half uurtje te gaan hardlopen omdat het zo'n mooi weer is, kun je best halverwege door een hagelbui worden overvallen. Je weet het nooit! Het devies is: altijd je paraplu meenemen!
Toch komen onafgebroken zonnige dagen ook voor, en de afgelopen dagen fiets ik al zonder jas aan naar mijn werk. Maar wacht, daar moet ik even iets bij uitleggen.
De Universiteit van Bath, waar ik werk, staat bovenop een heuvel aan de rand van de stad. Ik fiets dus elke ochtend een fikse helling op (juist; zodoende is er sneller reden dit zonder jas te doen). De eerste dagen dat ik dit deed, kwam ik uitgeput boven aan, en dacht ik dat ik gek was niet de bus te nemen. Toch heb ik het doorgezet (mede omdat het sneller is; ik zou namelijk een heel eind moeten lopen naar de bushalte), en nu na een half jaar gaat het me een stuk gemakkelijker af. Het voelt prima; ik krijg elke ochtend flink wat lichaamsbeweging, word er goed wakker van, en geniet van het uitzicht over de stad vanaf bovenop de heuvel. Het is zeker de moeite waard! Ik ben overigens zeker niet de enige die dit doet, zij het in de minderheid (die met het betere weer gestaag minder een minderheid wordt).
Ook hier in de omgeving heb ik al wat mooie fietstochten gemaakt: over het fietspad langs het Kennet-and-Avon-canal met zijn vele woonboten, en over de kronkelende wegen door de heuvels in de omgeving, met de vele dorpjes, landhuizen en kastelen... en natuurlijk pubs, met goed eten en drinken. Maar er staan nog veel meer trips gepland voor de komende mooi-weer-periode, dus u hoort hier nog van.

Iets anders: wie mij kent, weet dat ik op muzikaal gebied nooit stil kan zitten. Ik doe dan ook regelmatig mee aan allerlei open podia en jam-sessies in de pubs, en verder zing ik in een barbershop-koor. Maar iets nieuws voor mij is dat ik me ook eens op acteren heb gestort: ik heb meegedaan aan een musical hier op de Universiteit. In de musical 'Guys and Dolls' speelde ik de rol van Arvide Abernathy. Voor wie dit niet kent: het gaat over het New York van de vijftiger jaren, met gokkers, nachtclubdanseressen en een missie (soort Leger des Heils) die mensen probeert over te halen hun leven te beteren. Erg leuk om te doen, en ik heb er veel van geleerd op acteergebied. Met het Amerikaanse accent had ik overigens minder moeite dan de Engelsen...
Maar deze musical leverde mij tijdens de repetities wel wat conflicten op met de rest van de cast en de regisseur. Weliswaar had ik op gebied van acteren en dansen geen ervaring, maar op muzikaal gebied leek ik meer ervaring te hebben dan alle anderen. Daar wilde ik niet over opscheppen, maar af en toe, wanneer iemand een bepaalde melodie niet goed kon vinden, bood ik aan te helpen. En wanneer een bepaald stuk duidelijk verkeerd werd gezongen, en niemand, inclusief de regisseur en de dirigent, dat in de gaten leek te hebben, voelde ik me geroepen dat te signaleren en aan te geven hoe het zou moeten. Maar na enkele keren ging iedereen zich hier aan storen, want "ik was niet de muzikaal leider, dus ik moest me stil houden". Ik probeerde mijn commentaar toen te beperken tot alleen de echt storende fouten, maar de geirriteerde reacties van de groep bleven toenemen. Ik heb me daar niet populair gemaakt! Het lijkt erop dat er een cultuur heerste van "de baas heeft gelijk, ook al heeft hij ongelijk." Misschien iets typisch Engels, en ik, met mijn Nederlandse grote mond, veroorzaak dan nogal wat onrust.
We zien wel of dit soort dingen zich gaan herhalen...

Max


Scène uit Guys and Dolls, in het Universiteitstheater van Bath

Ebrill

April

Veel schokkends is er in April hier niet gebeurd. Het weer wordt gemiddeld mooier, wat wil zeggen dat er meer zonnige dagen tussen zitten. Maar er zitten ook nog steeds veel dagen tussen met alleen maar harde regen en wind, waarop je de neiging hebt te vergeten welk seizoen het is. Maar dan moet je even buiten gaan voelen: het regenwater is wel duidelijk warmer dan enkele maanden geleden!
Interessant deze maand was wel een trip naar Cornwall. Een populair binnenlands vakantie-oord voor de Engelsen, en er werd mij ook verzekerd dat het een goed idee was daar nu al heen te gaan, voordat het in de zomer overladen wordt met toeristen. We huurden een auto en reden er naar toe. Het eerste verrassende kwam al bij het oversteken van de grens tussen Devon en Cornwall: een intens felle groene kleur schittert je tegemoet. Ook al is Devon, met zijn grote nationale parken met ruig landschap, ook heel mooi, de vegetatie in Cornwall is zo uitbundig dat je je in een tropisch gebied waant! Langs het strand aan de zuidkust groeien zelfs palmbomen! Niet dat het er nu zo tropisch warm is, maar de verklaring hiervoor schijnt te zijn dat het er altijd nat is, en nooit koud.


Palmbomen in Cornwall

Aan de noordkust daarentegen is het landschap heel anders: prachtige rotsformaties met lage begroeiing, en met kleine baaitjes ertussen. Wandelend op het strand kom je gigantische mosselbanken tegen, en geven de mossen en andere levensvormen de rotsen alle kleuren van de regenboog. Wandelend boven over de rotsen giert constant zo'n wind om je oren dat je af en toe schuin in een hoek van bijna 45 graden moet lopen om niet om te vallen. In sommige van de smalle baaitjes waar je te voet niet kunt komen, zie je vanaf de rotsen groepen zeehonden beneden op het strand liggen, die zich koesteren in de luwte en de zon. Af en toe gaat er een groepje gezellig met z'n allen de zee in, even wat te eten halen.
In de hoogtijdagen van de mijnbouw werd ook daar, net als in Wales en Noord-Engeland, veel gedolven, vooral koper en tin. Zodoende vind je op/in de rotsen langs de kust ook veel ruines van mijnen. Er werd vanaf bovenop de rotsen, hoog boven het waterpeil, naar beneden tot ver onder het waterpeil geboord. Af en toe zie je de schoorstenen van de ovens hoog boven de rotsen uit torenen. Maar sommige van die schoorstenen die in eerste instantie zo hoog waren gebouwd, bleken, dankzij die betrouwbare wind, een veel te grote trekkracht te hebben, en moesten worden vervangen door kleinere, meer tussen de rotsen in gebouwd.


Een mijn aan de kust van Cornwall

Om een auto te huren en zelf naar Cornwall te rijden moesten we natuurlijk links rijden, maar dat is allang geen probleem meer. Door in het begin van het verblijf in dit land meteen te leren welke kant uit te kijken bij het oversteken van de straat, en door veel te fietsen, leer je snel te wennen aan deze verkeerssituatie. Daarentegen is het merkwaardig dat het me nog steeds heel raar voorkomt dat de bestuurdersplaats van de auto rechts zit. Ook al is dat duidelijk de beste plaats om overzicht over de weg te hebben, toch blijft het heel onwennig, en moeilijk vanaf die plek de juiste plaats van de auto op de weg te bepalen. Ook heb ik nogal eens de neiging de versnellingsknuppel in de deur te zoeken, of zet ik hem in een verkeerde versnelling. (Gelukkig zitten de pedalen in de 'normale' volgorde...!) Ook blijft het een raar gezicht, wanneer je zelf voetganger bent, op de linkervoorstoel van een auto iemand te zien zitten die niet op de weg let maar opzij zit te kijken, of een boek zit te lezen. Of op die plek een kind te zien zitten, of een hond, of helemaal niemand.
Tot zover deze ervaringen; volgende maand gebeurt er vast wel weer iets enerverends.

Max

Mai

May

Het weer in Zuidwest-Engeland zordt gestadig mooier en warmer. Dat betekent dat de terrasjes vol zitten - want in plaats van met jassen aan zitten te pionieren omdat je wilt genieten van de zon, is het daar nu echt lekker -, en ook dat Bath nu volloopt met toeristen. Het is namelijk een toeristische plaats, en met reden, want het is ook een mooie stad. Het viel me in eerste instantie niet zo op, maar als je gaat rondreizen en andere steden bekijkt, merk je dat ze allemaal, afgezien van misschien een mooie kathedraal, nogal saai zijn en op elkaar lijken. Bath is anders. Bath heeft een eigen, mooie, stijl. Dit komt dank zij het feit dat het rond de achttiende eeuw een plek voor de rijke elite was, en vol is gebouwd met statige huizen, die nu als monumenten in stand worden gehouden. (In zekere zin is het nog steeds een elite-plek, want het is een van de duurste plaatsen om te wonen van het land.)


Pulteney Weir, een stuw in de rivier, in het centrum van Bath

De belangrijkste attractie is het badhuis dat de Romeinen hier hebben gebouwd, omdat hier warm water uit de grond komt. Vandaar de naam 'Bath', ook al noemden de Romeinen het 'Aquae Sulis', maar dat kunnen de Engelsen waarschijnlijk niet uitspreken. Dit badhuis kun je nog steeds bezichtigen, ook al bestaat het voor een groot gedeelte uit versieringen die in de Victoriaanse tijd eraan zijn toegevoegd. Een andere trekpleister is de Royal Crescent. Deze 'koninklijke halvemaan' bestaat uit een blok groteske huizen uit de Georgische tijd, die in een halvecirkelvorm monumentaal uitkijken over een park.

Vanwege het mooiere weer en de toeristen begint hier ook de periode van de festivals. Er is hier altijd wel het een en ander te doen, maar nu wordt het echt druk. Met de Barbershop-groep waar ik me bij heb aangesloten hebben we ook al enkele concerten op straat gegeven. Het is leuk te merken welk effect je kunt hebben met zulke simpele middelen als alleen maar enkele stemmen. Ook al klinken we niet hard, mensen horen dat er wat bijzonders gebeurt, en blijven staan.
Het festival-seizoen begon officieel met het Bath Music Festival, dat op zijn beurt begon op 21 mei met een groot concert van het symfonie-orkest 'Bath Philharmonia' in het park voor de Royal Crescent. De koninklijke halvemaan vormde een passend decor voor het concert, terwijl het park ervoor vol zat met de bevolking van Bath en omstreken. Velen waren aan het picknicken; sommigen wilden dat echt fatsoenlijk doen, en hadden tafel en stoelen meegenomen. Maar naarmate het voller werd, werd dat lastiger, met alle mensen die rond liepen en bezig waren elkaar met mobiele telefoons te vinden - want zo gaat dat tegenwoordig. Af en toe stapte men (bijna) in elkaars gebraden kippen. Na het concert kwam er een mooie vuurwerkshow achter het mooie staddecor vandaan.


Concert voor de Royal Crescent op het Bath Music Festival

En tenslotte betekent dit seizoen ook een toename van drankgebruik, wat ook buiten de pubs goed te zien is. 's Avonds zijn de straten vol van dronken, en erg luidruchtig, volk. Vaak leidt dat ook tot problemen: ongeregeldheden en geweld, zo horen we op het nieuws (hier in Bath is het nog relatief rustig). En waarschijnlijk worden volgend jaar de openingstijden van de pubs verruimd, maar velen vrezen dan dat ook de overlast nog toeneemt. Persoonlijk geloof ik dat niet, en ik vind dat we het risico kunnen nemen. Maar intussen vraag ik me wel af waarom zo veel mensen hier niet gewoon 'gezellig' kunnen drinken.
Tot de volgende,

Max

Mehevin

June

In juni gaat het festivalseizoen in Bath enthousiast door. Het Bath Music Festival werd gevolgd door het Bath Fringe Festival, met allerlei muziek- theater- en andere artistieke expressies overal in de stad. Het slotgebeuren hiervan, en wat mij betreft het hoogtepunt, was Walcot Nation Day op zondag 13 juni.
Walcot, de wijk waar ik woon, ligt rondom Walcot Street, een gezellige, traditioneel uitziende straat vol met kleine winkeltjes, waaronder veel antiek- oudeboeken- en ouderommelwinkeltjes. In en om deze straat vond Walcot Nation Day plaats. Walcot verklaarde zich voor één dag onafhankelijk, en zette de straat af voor rijverkeer en vol met muziekpodia en eet- en drinkgelegenheden. Alcohol serveren op straat mag gewoonlijk in Engeland niet, maar in Walcot gelden andere wetten. Het was een kleurrijke en gezellige boel. De hele bevolking van Bath And North East Somerset (ja zo heet ons graafschap; probeer het maar eens snel uit te spreken!) leek zich te concentreren in die ene straat, en je komt dan ook zo'n beetje iedereen tegen die je kent. Het leek op Koninginnedag, in Walcot Nation. De muziek varieerde van jazz via blues en salsa tot techno. En het weer was zomers - wat ook wel bijzonder is want dat is het echt lang niet altijd.


Gezelligheid op Walcot Nation Day

De onafhakelijkheid duurde alleen een beetje kort; om 6 uur 's avonds was het alweer afgelopen. En als je ziet met welk tempo mensen dronken (raakten), was dat misschien ook genoeg. Maar waarschijnlijk had dit ook ermee te maken dat diezelfde avond iets plaatsvond wat volgens velen natuurlijk nog véél belangrijker is: er werd gevoetbald!
Voetbal is hier schijnbaar altijd aan de gang: in elke pub hangen wel één of meer televisieschermen en er is bijna elke dag wel een wedstrijd te zien. Maar ook al interesseert het mij niet, ik moet zeggen dat de sfeer er niet veel onder lijdt. Afhankelijk van hoe belangrijk de wedstrijd is, staan er minder of meer mensen met minder of meer aandacht te kijken, en de sfeer blijft altijd ontspannen. Maar de Europese kampioenschappen is natuurlijk heel wat anders: nu staat er veel op het spel!
Ikzelf vind die heibel om dat spelletje met een opgeblazen stuk leer op een half hectare gras altijd bijzonder lachwekkend, maar volgens veel Engelsen is dit van wereldbelang. Maar ik vertel hiermee natuurlijk niet veel nieuws: ten eerste staan de Britten hierom bekend, ten tweede zijn de Nederlanders net zo erg. Mijn grootste genot is dan ook altijd (ook in Nederland): wachten tot het nationale team verliest, en dan naar buiten gaan en lachen om al die treurende depressieve gezichten op straat.
Welnu: na enkele wedstrijden lag Engeland er dan ook uit, en deed ik dus hetzelfde als altijd. Toch viel het resultaat en beetje tegen: men was wel stil op straat, maar veel verdriet kon ik toch niet bespeuren. Er hing een sfeer van 'het feest is voorbij en we gaan naar huis'. In een pub werd mij uitgelegd (door mensen die zeiden zelf niet veel om voetbal te geven), dat dit niet betekent dat ze het écht niet erg vinden, maar ermee te maken heeft dat de Engelsen niet erg geneigd zijn hun gevoelens te tonen.
Dat is interessant. Als je hier rondloopt, zie je duidelijk twee soorten mensen: de tradionele Engelsen (vooral de ouderen), met hun nogal stijve, extreem beleefde houding, en de jongeren, die zich nadrukkelijk hiertegen willen afzetten, openlijk dronken en heel luidruichtig zijn en nergens om lijken te geven (en soms erg agressief kunnen zijn). Maar toch kunnen ook de laatstgenoemden zich niet onttrekken aan bepaalde typische aspecten van het engelse karakter: de 'stiff upper lip'; niet je ware gevoelens tonen!
Dit was het bericht van juni. Overigens, iets over de titels: oplettende lezers hebben al opgemerkt dat dit de namen zijn van de maanden in het Wels(ch). Ik koos hiervoor omdat de namen in het Engels veel te 'gewoon' zijn, en ook al ligt Bath niet in Wales, het is wel vlakbij. Gewoon uit interesse ben ik ook gaan proberen wat van die taal te leren, maar dat valt nog niet mee! Ik ben ook al een paar keer in Wales geweest -een mooi land- en er staan nog meer trips op het programma, dus als alles goed gaat hoort u hier nog van.

Max

Gorffennaf

July

'Gorffennaf' is de naam van juli in Wales. Voorzover ik weet betekent het letterlijk iets in de zin van 'voltooien'. Misschien omdat het academisch jaar is afgelopen, en alle studenten, nadat velen hun bul hebben gekregen, zijn vertrokken?
Het weer in Engeland in juli is lekker warm, boven de 20 graden, maar daar is al het zomerse ook mee gezegd, want het is nog steeds erg vaak bewolkt, af en toe zon en af en toe regen, en wanneer het ook af en toe nog warmer wordt, wordt het meteen, door de hoge vochtigheid, ook erg benauwd.
Bath zit intussen helemaal in het toeristenseizoen. Als ik op zaterdagmiddag door de stad loop, hangt daar een heel andere sfeer dan in de winter; ik herken mijn eigen stad nauwelijks meer. Het is helemaal vol met toeristen, en de straatverkopers en -artiesten doen hun best om daar een graantje van mee te pikken.
Je ziet nu ook regelmatig Morris-dansers op het centrale plein. Voor wie dit niet kent: Morris dancing is een traditioneel engelse formatie-dansvorm, die in groepen van meestal 6 mannen (alleen mannen) wordt uitgevoerd. Ze zijn in witte kleren uitgedost, met linten en bellen aan hun armen en benen, en zwarte hoeden op, en zwaaien met zakdoeken of met stokken. Het aparte is dat dit van oorsprong geen echte 'volks'-dans is (in die zin dat iedereen er aan meedoet), en ook geen oorlogsdans (ook al staan groepen mannen met stokken te zwaaien). De precieze oorsprong en betekenis zijn onduidelijk; mogelijk is het een ritueel is uit de pre-christelijke tijd. In ieder geval diende het in de middeleeuwen als een 'show-dans' aan het hof, en puur show is het nu nog steeds. Het is in de afgelopen eeuwen vooral in dit gebied van Engeland bewaard gebleven, en kan dus gezien worden als een stukje regionale cultuur dat aan toeristen gepresenteerd mag worden.
Veel Engelsen kijken op de Morris dansen neer; vinden het belachelijk of iets dergelijks. Ik vraag me af waarom; het is toch gewoon leuk om een grappig stukje show op te voeren? (Het is niet zoveel anders dan voetbal, dus, toch?) In ieder geval blijkt dat het het goed doet bij het toeristenpubliek hier in Bath.


Morris dansers; deze groep bevat, ontraditioneel, vrouwen

Zelf houd ik me met mijn muzikale activiteiten buiten het toeristencircuit bezig: ik speel vaak viool en gitaar op de diverse open podia en folk-clubs in de verschillende pubs. Zo zijn er Ierse jam-sessions, singer/songwriter avonden, en ook open podia waar je gewoon alles kunt verwachten. De laatste tijd was ik regelmatig op een session in een pub waar normaal jazz wordt gespeeld, en misschien is jazz ook wel in eerste instantie de bedoeling van de organisatie, maar afhankelijk van welke muzikanten er op komen dagen ontaardt het vaak in blues, rock&roll of bluegrass.
Laatst was ik op die session viool mee aan het spelen, met een pianist, een bassist, een saxofonist en nog enkele anderen. Maar ik kreeg het gevoel dat het ritme wat instabiel was. De pianist was aan het leiden, maar de bassist kon hem niet goed volgen. Er was wel een drumstel (van de organisatie), maar geen drummer. Dus besloot ik maar met mijn viool achter het drumstel te kruipen en met mijn voeten op bass-drum en hi-hat de pianist te volgen en daarmee het ritme voor de bassist aan te geven, in de hoop dat alles wat gestructureerder werd. Intussen speelde ik gewoon door op de viool. Het hielp helaas niet veel, want het ritme bleef rommelig. Maar het zag tenminste uit als een aardige stunt.
Minder leuke voorvallen komen ook voor. Een andere keer, na een session in diezelfde pub, was ik eens aan het napraten met enkele andere mensen. Een man, die tot op dat moment stil achter zijn pint had gezeten, kwam ineens op ons af en zei tegen mij en een andere jongen: "Volgens mij zijn jullie allebei klootzakken en moeten jullie eruit." Wij schonken er niet veel aandacht aan, maar de man bleef aandringen, en begon te schreeuwen. Na een tijdje begon de andere aangesprokene er wel op te reageren, en beiden werden zelfs agressief. Samen met anderen probeerde ik ze uit elkaar te houden, en zei tegen mijn gesprekspartner: "Laat hem toch; hij is het niet waard." Maar er was geen houden aan. Het personeel van de pub kwam eraan te pas. Maar tot mijn verbazing werd alleen mijn gesprekspartner uit de zaak verwijderd; de man die de aanleiding was van de ongeregeldheden, liet zich niet naar buiten werken en ging weer zitten, wezenloos om zich heen kijkend. Ik kreeg gelukkig wel de kans mijn spullen rustig in te pakken voor ik vertrok.
Ik kan alleen maar raden naar de reden waarom dit zo afliep. Er zijn nog veel zaken in dit land die ik absoluut niet begrijp...

Max

Awst

August

Augustus heeft een herkenbare naam in het Wels, en een herkenbaar weertype in Engeland. Nadat het eerder in de zomer af en toe lekker was maar ook vaak waardeloos weer, hebben we nu toch ècht veel zomerweer gehad, zoals dat hoort in Augustus. Helaas blijkt daar ook een wespenplaag bij te horen. Volgens mij zit er een nest ergens bij het terras van de pub op de universiteit; in ieder geval terroriseren ze de mensen die van de zeldzame zomerdagen willen genieten. Verder is de universiteit nog steeds heel rustig want alle studenten zijn weg.

Iets anders: Bath en omstreken is een van de rijkere buurten van het land, en dat moet blijkbaar ook betekenen dat er hier veel 'celebrities' wonen. Zo hoor ik in pub-gesprekken dat Rowan Atkinson hier in buurt woont, en popsterren als Midge Ure (Ultravox) en Peter Gabriel schijnen hier in de stad te wonen. 'Solsbury Hill' waar Peter Gabriel over heeft gezongen, is hier vlak bij; ik ben er zelf ook al eens op geklommen. Leuk dat dingen die je kent uit de popmuziek nu ineens meer betekenis krijgen.
De celebrities heb ik zelf nooit gezien, maar het valt wel op dat je regelmatig limousines, echt van die idioot lange, door de stad ziet rijden. Altijd geblindeerd; je ziet niet wie erin zit. Ik raak niet echt nerveus van het idee dat daar een beroemdheid rijdt; ik denk altijd alleen "de stakker; het moet hopeloos moeilijk zijn zo'n auto door deze smalle straatjes te manoevreren".
Natuurlijk lees en hoor je in de media ook van alles over celebrities; er wordt wat af geroddeld! Veel mensen (en kranten) lijken het bijvoorbeeld nog steeds heel belangrijk te vinden hoe het loopt tussen Posh en Becks. Vorig jaar zijn die naar Madrid verhuisd (misschien onder andere juist om de media te ontlopen...?) en ik zou denken dat we daar dan vanaf waren. Maar het is blijkbaar nog steeds van groot nationaal belang of die twee daar bij elkaar blijven wanneer de één een slippertje heeft gehad. Wat een gedoe.
En jawel, de Britse TV heeft ook de methode ontdekt om miljoenen Britten geld af te troggelen door iedereen over te halen regelmatig een duur telefoonnummer te bellen, om daarmee te stemmen wie er uit een huis weg moet. Jawel ook hier wordt geBigBrotherd! Zelfs diegenen die zeggen het allemaal onzin te vinden schijnen het toch ook te volgen. Ik heb wel eens vijf minuten gekeken - het is moeilijk eraan te ontkomen als je de TV aanzet -, maar ik hield het niet vol; die lui in dat huis hebben ècht niks zinnigs te zeggen.
En laatst was datgene waar iedereen naar uitkeek: de BB-finale, een avondvullend programma. Maar zelfs als je dat niet kijkt, ontkom je er niet aan: de einduitslag werd zelfs de volgende ochtend op het nieuws vermeld! Jaja er gebeuren hier grote dingen.

Max

Medi

September

'Medi' is de 'oogstmaand', en dat is in Wales blijkbaar september. Hier in Bath is september misschien de rustigste maand van het jaar. Er zijn duidelijk alweer minder toeristen (hoewel die er altijd wel wat zijn), want het weer wordt duidelijk minder, en in de meeste Europese landen is de vakantie voorbij. Maar om de één of andere reden vindt men hier blijkbaar dat het bij de zomer hoort, want de studenten hebben nog steeds vakantie. Er vinden wat zomercursussen plaats, voor buitenlandse bezoekstudenten, maar verder is er niet veel te doen op de universiteit. Stilte voor de storm!
Maar ook al regent het alweer wat vaker, gelukkig is het daartussen nog vaak heel prettig zomers. Met mijn collegas van de universiteit, die wel bijna allemaal gewoon aanwezig zijn, is het dan prettig naborrelen na het werk met enkele pinten op het terras van de pub op de universiteitscampus. Want ook dat hebben we nu (nog) lekker voor onszelf.
Enkele van de mooie dagen heb ik ook gebruikt om wat trips te ondernemen; zo ben ik een dag naar Weymouth geweest, recht ten zuiden van hier, een aardig strand- en havenplaatsje aan de zuidkust van Dorset. Vlak daarbij is Portland, een 6 km lang rotsachtig eiland dat door een zanderige dijk aan het land is verbonden. Ook ligt hier vlakbij Chesil Beach, een merkwaardige strook strand van zo'n 12 km lang, die parallel aan de kust loopt, maar alleen aan het begin en het eind daarmee is verbonden. Interessante speling der natuur.


Vanaf een heuvel op Portland gezien: de landengte die Portland met het vasteland verbindt. Rechtsachter Weymouth; linksachter Chesil Beach.

Ik ben in een halve dag Portland helemaal rondgelopen. Prachtige rotsformaties en mooie uitzichten. Aan één kant van het eiland zie je allemaal kleine hutjes staan, waarvan velen bezet waren door badgasten. Ik kan me goed voorstellen dat mensen graag een zomerhuisje aan de kust willen hebben, maar ik vond het nogal vreemd dat deze zo klein waren (een paar meter in het vierkant) en zo dicht op elkaar gepakt staan, terwijl er genoeg ruimte lijkt te zijn. Ik zou denken dat men wil genieten van de ruimte, de rust en het uitzicht. Of zijn de engelsen socialer dan wij, en willen ze altijd dicht bij elkaar zijn?
De kustwandelweg die ik volgde, was overal goed te volgen, behalve juist aan het eind. Toen ik bijna terug zou moeten zijn bij het beginpunt, kwam ik in een terrein terecht waar niets meer werd aangegeven. Ik kwam een klein groepje engelsen tegen, die een heel gedetailleerde kaart bij zich hadden, maar die op dezelfde manier waren verdwaald. Dus ik zei tegen mezelf "dan ligt het toch niet aan mij". Maar toen we gezamenlijk de weg terug zochten, bleek dat ik vaak beter in staat was hun kaart te lezen dan zijzelf. Waar we waren bleek een verlaten militair oefenterrein te zijn. Uiteindelijk werden we door enkele sportvissers een afsnijroute gewezen, heel steil de hoge rots op, om weer bij het begin te komen. Ik haalde nog net de laatste trein uit Weymouth terug naar Bath.

Een andere mooie dag ben ik eens gaan genieten van één van de vele folkmuziek-festivals die hier in de buurt zijn. In Kemble, tussen Swindon en Gloucester, was een 'Bluegrass Pickin' Weekend'. Ik nam de trein naar Kemble en hoopte op een mogelijkheid op het festivalterrein te komen, maar dat viel nogal tegen: er was geen enkele bus, en ik heb bijna een uur moeten lopen. Blijkbaar is het normaal dat bluegrassliefhebbers de auto gebruiken? Een ander vreemd aspect is dat het festival plaatsvond op een achterhoek van het Kemble Airfield, een vliegveld dus. Je zou bluegrass niet associeren met vliegtuigen. Maar opvallend was dat op het terrein, tussen de bomen, een hele rustige en relaxte sfeer heeste, alsof je je midden in de natuur bevindt. De af en toe overvliegende vliegtuigen konden dat niet verstoren.
Verder opvallend hieraan: wat ik van te voren niet wist, is dat er tussen de optredens door ook 'gejamd' zou worden, en zo'n beetje elke bezoeker (behalve ik) had dan ook een instrument bij zich. In het begin heb ik met spijt toegekeken bij de sessies, maar ik kon me niet inhouden, en heb verschillende mensen gevraagd hun instrument uit te lenen. Uiteindelijk heb ik gitaar, viool en contrabas gespeeld - normaal speel ik helemaal geen contrabas, maar het is gewoon een grote viool, nietwaar. Ik kende nog niemand op dat festival, maar het lijkt erop dat ze mij nu kennen als 'die man die niets meeneemt maar alles speelt'.

Max


Jammen op het Bluegrass Pickin' Weekend

Hydref

October

'Hydref' betekent 'herfst' alsook 'oktober'. Zowel deze naam als de vorige lopen in Wales een maand achter op de Nederlandse traditionele maand-bijnamen. Dit betekent misschien dat het najaar later inzet dan bij ons; in toeristenfolders staat dat in ieder geval wel. En ik moet zeggen dat ik dat, ook hier in Bath, wel merk: ook al is de zomer minder warm en droog dan in veel andere landen, die periode duurt wel relatief lang.
Maar intussen heeft dan de herfst ingezet, met af en toe nog zon, maar veel meer regen, en ook zulke donderbuien en stormen dat je nauwelijks buiten durft te komen. En ook weer die avontuurlijkheid dat je met geen mogelijkheid ooit kunt zeggen wat het over een uur zal zijn. Het weerbericht op tv is één van de spannendste programma's.
Ook zijn de studenten terug op de universiteit; halverwege oktober was de 'Freshers Week' ('introweek'), met allerlei activiteiten om de studenten wegwijs te maken, of om leden voor de studentenverenigingen te strikken. Het lijkt allemaal veel op wat ik in Eindhoven altijd zag gebeuren. Het is wel gezellig, al is die plotselinge drukte wel even wennen.
Wat ook weer heerst is de 'freshers flu': door die plotselinge samenkomst van studenten overal vandaan, is de kans groot dat zich een griepvirus verspreidt, en met het kouder en natter wordende weer is iedereen wat vatbaarder. Deze griepepidemie op universiteiten schijnt volkomen normaal te zijn in deze tijd van het jaar. Vorig jaar het ik het dan ook gehad. Dit jaar nog niet; misschien kan ik er dit keer aan ontkomen...?

Waar ik deze maand heel druk mee bezig ben geweest: alweer een musical. Met een andere vereniging dan de vorige keer, heb ik deze keer meegespeeld in Gilbert and Sullivan's 'The Pirates of Penzance'. En terwijl 'Guys and Dolls' destijds in het universiteitstheater werd uitgevoerd, was dit nu in het statige 'Theatre Royal' in het centrum van Bath.
De operettes van Gilbert and Sullivan, uit het eind van de 19e eeuw, zijn voor elke engelsman heel bekend (waarschijnlijk verplichte culturele opvoeding), daarbuiten niet zozeer. Maar als je de kans krijgt het te zien: een aanrader; erg leuk! Ik was hierbij 'slechts' een piraat, een 'chorus'-lid, maar dat mocht de pret niet drukken, want het was erg leuk om te doen. Niet alleen moest er tegelijk worden gezongen, gedanst en geacteerd, maar ook gezwaardvecht - met echte, zij het ongeslepen, degens. Van een zwaardvecht-instructeur kregen we enkele lessen (waarbij de nadruk natuurlijk erop lag dat het goed moest uitzien). Leuk wat voor ervaringen je zo opdoet. En de sfeer, wanneer je zo'n show opvoert in een monumentaal oud theatergebouw, is grandioos.
Voor de volledigheid moet ik misschien vermelden dat ik ook dit keer weer af en toe in moeilijkheden kwam met de groep, vooral met de choreografe. Het kwam nogal eens voor, dat zij ons iets wilde laten doen, wat ofwel niet duidelijk was, of niet goed mogelijk. Ik was daarbij dan de eerste om vragen te stellen, want ik houd van duidelijkheid. Maar daar kwamen geen antwoorden op; ik kreeg alleen te horen "doe het nou maar gewoon". Ook als ik bijvoorbeeld een repetitie had gemist, waarbij iets was veranderd, en ik wilde weten wat er veranderd was, kreeg ik geen gehoor. En ik zag duidelijk dat ook de anderen vaak niet wisten wat nu de bedoeling was, maar die hielden hun mond dicht. Blijkbaar moest ik gewoon wachten totdat de choreografe zelf inzag dat er van alles mis ging en er iets aan ging doen. Eigen initiatieven worden hier niet gewaardeerd. Het zal wel een cultuurverschil zijn, maar ik vind zoiets een bijzonder inefficiente manier van werken! Nou ja, zo leer je verschillende aspecten van de 'cultuur' van dit land kennen.

Tenslotte: aan het eind van de maand was het natuurlijk Halloween. Ik weet niet hoe lang dat hier al ingeburgerd is (het komt oorspronkelijk uit Ierland), maar het wordt duidelijk erg enthousiast gevierd. Je ziet overal kinderen (en niet alleen kinderen) rondlopen in het zwart, als spook, heks of dracula of iets degelijks. Die gaan er dus op uit voor trick-or-treats. Ik ben ook op een Halloween-party geweest, waarbij ook iedereen verkleed was, en met -op z'n engels- maffe spelletjes, zoals een kwis met idiote vragen over horror-onderwerpen, zoals "What do skeletons say when they start having dinner?" "Bone appetit!" Humor!!!
Tot de volgende,

Max

Tachwedd

November

In november begint het weer in Engeland al behoorlijk kouder, donkerder, en zo mogelijk nog winderiger en natter te worden. Het is niet echt leuk meer naar buiten te gaan. Maar daarentegen is het natuurlijk des te gezelliger in de pub.
Aangezien de studenten weer allemaal terug zijn, is het nachtleven ook weer flink op gang. Het is daarbij heel opmerkelijk te zien hoe weinig de jongeren zich aantrekken van het weer. Overdag zie je in de stad alleen maar mensen in dikke jassen rondlopen, maar naarmate de avond vordert, steeds meer jongeren zonder jas en in wat volgens mij zomerkleren zouden moeten zijn. Het hoogtepunt is om 23:00, als de pubs dichtgaan en iedereen doorgaat naar de nachtclubs. De straten zijn overvol van jongens in korte broeken en t-shirts, en meisjes in minirokjes en bloterige topjes. Er moet blijkbaar zo veel mogelijk 'vlees' worden getoond. En als je maar genoeg drinkt heb je geen last van de meteorologische omstandigheden. (Dit blijkt duidelijk uit hun gedrag.)
En nou zou je mischien denken dat al die dames die zich zo ten toon stellen er ook erg sexy uitzien, zoals je dat aan de Middellandse Zee wel kunt verwachten. Nou, dat valt nogal mee. Het vlees puilt rijkelijk uit in de ruimtes tussen de kleren. Het geeft te denken: zijn de engelse mannen blind, of gelden hier andere normen voor wat 'sexy' is? In ieder geval is iedere buitenlander die hier komt, blij te merken dat hij er hier relatief goed uitziet.
Misschien heeft de lichaamsbouw van de Engelsman iets te maken met zijn eetgewoonten. Nu heeft het engels voedsel natuurlijk een reputatie, en gedeeltelijk terecht, maar ik wil wel vermelden dat het lang niet zo erg is als wel gezegd wordt. Ook de Engelsen verzekeren mij dat het voedsel hier 20 jaar geleden inderdaad erg slecht was, maar er is intussen veel veranderd, vooral door veel buitenlandse invloeden toe te laten. In sommige pubs en restaurants kun je nu echt heerlijk eten.
Maar het traditionele voedsel bestaat ook nog steeds, en ook al kan dat ook lekker zijn, het zijn wel vaak rare combinaties, en is vaak erg vet en zwaar. Eén van de wonderlijke dingen vind ik de 'Sunday roast'. Op zondag rond het middaguur gaat men, om met de familie deze zware lunch te nuttigen, bij elkaar op bezoek, of met z'n allen naar de pub; je kunt het dan ook in alle pubs krijgen. Het bestaat uit een groot bord met geroosterd vlees (lams-, runder- of kippevlees), aardappelen, jus en veel gekookte groenten: wortel, spruiten, koolraap, pastinaak, enz. Vaak wordt het hoog op het bord opgestapeld. En daarbovenop moet dan altijd ook nog een 'Yorkshire pudding' liggen: zo'n wonderlijk ding van opgeklopt ei, dat nergens naar smaakt.
Op zich is het een goede stevige maaltijd, maar het is mij een raadsel hoe de Engelsen daar zin in kunnen hebben op zondag om 12:00 uur, een tijdstip waarop ik nog aan het wakker worden ben. Maar: wanneer wij op zondag een wandeling door het gure weer hebben gemaakt, en daarna een pub vinden die om 17:00 nog een Sunday roast wil serveren, is het een welkome versterking. Met een 'pint of bitter' erbij, natuurlijk.

Iets anders: ja, we naderen al kerstmis, en de winkeletalages wrijven dat al dik onder onze neus. De stad ziet er wel gezellig uit met al die versieringen. En op 25 november hebben we met de barbershop-zanggroep van de universiteit ook al bijgedragen aan de officiële kerstsfeer: we hebben kerstliedjes gezongen op een podium midden in de stad, op de gelegenheid van het inschakelen van de kerstlichten die in de straten zijn opgehangen. Na onze 'White Christmas' en 'Jingle Bells' werd, met een aftelceremonie alsof het de millenniumbreuk betrof, en bijgestaan door een sneeuwkanon, het kerstseizoen officiëel geopend door de lichtjes aan te doen. Gejuich alom. Ja, je moet er maar wat van maken.
En zo gaan we door naar het eind van het jaar.

Max

Rhagfyr

December

In december gebeurt er in het brittenland weinig wat niet in het teken van kerstmis staat. Om te beginnen hangen overal versieringen: op straat, in de pubs, in de winkels, op de universiteit; om een wat warmere atmosfeer te geven in dit gure klimaat. Wat het weer betreft, u weet het intussen wel: regen, wind, klam, koud (ook al is het boven nul) en donker. Op sneeuw hoeven we niet te rekenen, dus ook dat moet door de decoraties worden gecompenseerd. En overal schalt de kerstmuziek uit luidsprekers, vooral de nummers van John Lennon en Slade. Ook, nu er een nieuwe versie van het nummer van Band Aid is opgenomen, hoor je nu juist de oude, van 20 jaar geleden, weer overal rondklinken. Er is hier nogal wat nostalgie naar de jaren 70 en 80. Och, als het maar geld oplevert voor het goede doel, de hongergebieden in de wereld, maakt het natuurlijk niet uit welke versie ze draaien.
Natuurlijk draait ook de commercie op volle toeren. Er was ook weer een kerstmarkt, met allerlei artistieke kerstdecoraties en andere cadeau-ideeën. Hoogtijdagen ook voor onze barbershop-zanggroep: we hebben onder andere de kerstsfeer opgeluisterd in een winkelcentrum, tot vermaak vooral van vele kinderen die langskwamen. Maar de meest opvallende toehoorder was wel een grote hond, die bij het horen van bepaalde accoorden plotseling naar ons omkeek en ging zitten. Zijn baas had graag verder willen lopen, maar de hond besloot: "hier ga ik naar zitten luisteren." Voor baasje zat er niets anders op dan te wachten tot het lied was afgelopen.


Met de Barbershop groep zingend op de kerstmarkt in Bath

Maar onze barbershop-zang viel natuurlijk in het niet vergeleken bij de Christmas Carol Service die in de centrale grote kerk van de stad, de Bath Abbey, werd gehouden. Oud-engelse kerstliederen in arrangementen van klassieke en modernere componisten. Prachtige harmonieën die in de akoestiek en de sfeer van de magistrale kerk goed tot hun recht komen. Zingen kunnen ze wel, die Britten.

Tenslotte, wat hier nog het meeste gebeurt in december: kerstdiners en kerstfeestjes. Elke organisatie, vereniging of werkomgeving heeft zijn eigen feest, voordat iedereen met kerst vertrekt naar de familie. Op de universiteit hebben we ook een Christmas party gehad, met 'mulled wine' (Glühwein), en 'mince pies': kleine pasteitjes met een zoet-zure vulling van appel en rozijnen. Op de party moesten ook weer rare spelletjes worden gespeeld. Eén spel ging als volgt: iedereen schreef twee beweringen over zichzelf op, waarvan één niet waar was. De anderen moesten raden welke waar was. Ik vergaarde aardig wat punten in dit spel, want niemand kon geloven dat ik, als Nederlander, nooit hasj had gerookt...
Op de vele georganiseerde kerstdiners heb ik ook kennis gemaakt met het traditionele engelse kerstmenu. Het hoofdbestanddeel is doorgaans een kalkoen gevuld met 'stuffing', en cranberrysaus. De vulling kan verschillende mengsels zijn van gehakt, groenten, brood, kruiden, wat dan ook. Als nagerechten zijn er: de 'Christmas pudding', een lekkere maar zwaar op de maag liggende cake met rozijnen en geconfijte vruchten, die bij voorkeur wordt overgoten met brandy en geflambeerd. En de 'trifle', een grote vlaflip in een schaal, met lagen sponsdeeg, vruchten, custard, jam en slagroom. Ja, de Britten eten weliswaar enigszins bizarre zaken, maar als je er even aan went, is het allemaal toch erg lekker.
Bij het diner krijgt ook iedereen een 'Christmas cracker': een kartonnen ding van zo'n 30 cm lang in de vorm van een ingepakt snoepje. Als je hier met z'n tweeën aan trekt tot het met een knal open scheurt, komt er uit: een papieren kroon, die iedereen dan opzet - 'wij' zijn even allemaal de koning -, een klein cadeautje, en een briefje met enkele flauwe grappen, ter inspiratie van de lolligheid (mocht dat wellicht met enkele glazen wijn nog steeds niet lukken). "'Tis the season to be jolly". Men hangt hier altijd al de lolbroek uit, maar vooral in dit seizoen geldt het gebod "gij zult jolig zijn"! Ja, zo komen we de donkere dagen wel door.


Kerstfeestje op het werk

En zo komen we ook aan het eind van deze serie, over het leven in een land, zo dichtbij en bekend, maar in sommige opzichten toch nog zo onbekend en interessant. Zoals gewoonlijk breng ik de laatste dagen van het jaar bij mijn ouders door. Vanuit hier wens ik iedereen:
Blwyddwyn Newydd Dda!
Hyvää Uutta Vuotta!
Gott Nytt År!
Prost Neujahr!
¡Feliz Año!
Bonne Nouvelle Année !
Happy New Year!
Gelukkig Nieuwjaar!

Max